Welcome to Een reis rond de wereld

Travel now and work later

Hoofdmenu

Translate to any language, choose your language here above..



Reisverhalen
Wereldreis op datum:
2009

Wereldreis per land:




Favoriete links


Terugblik op.. (pdf)


De camperbouw en de dagelijkse bezigheden


Info & materialen


  
23 t/m 30 september 2008





Dinsdag 23 september 2008: 29 Graden

Overnachting in Ambassador hotel in Kathmandu, Nepal.


Als we in checken blijkt dat ze ons hier nog kennen en alles is vlug geregeld. We gooien de bagage in onze kamer en gaan dan naar Tamel, het toeristen deel van Kathmandu. Eerst douchen heeft geen zin, want door de hitte, de verontreiniging en het stof ben je binnen 5 minuten weer vies. Vorig jaar had ik een schoon wit vest aangetrokken en ´s avonds wilde Maya haar was doen en had dus ook mijn vest gewassen. Ik dacht dat het niet nodig was, maar het water was zwart.
 



Janssen en ik hebben alle twee een lichte vorm van astma en we voelen al snel de benoudheid opkomen. Hoestend en proestend proberen we de rommel uit onze luchtpijp en longen te krijgen, maar helaas lukt dat niet. Vorig jaar hadden ik en schoonvader een stofmasker gekocht net als vele andere lokalen en toeristen. Dat hielp enorm maar door de hitte is dat niet echt prettig te dragen. Ik had het ding nu ook weer klaargelegd, maar ben hem in de truck vergeten. Als eerste gaan we onze kaartjes betalen voor de bus naar en van Pokhara, waar we over 4 dagen een trek gaan maken. We worden netjes met een kom thee begroet en omdat de eigenaar een bekende is van Kami, onze gids, maakt hij een mooi prijsje en geeft ons goede plaatsen in de bus, dat betekent de rivierkant. Dan wisselen we wat geld en gaan voor Annie een regenjas, stokken en een regenhoes voor de rugzak kopen. Voor Janssen alleen een poncho. We besluiten geen naamaak maar een echte jas te kopen, dit omdat Kami de originele artikelen winkel weet die uitverkoop heeft. We kopen een zwarte regenjas van goede kwaliteit voor rond de 30 euro. Een veel mooiere nepper koop je voor 15 euro. Ze zien er altijd heel echt en super gaaf uit, maar vaak lekken die dingen aan alle kanten.


Voor ons is het hectische verkeer, wat altijd lijkt te toeteren, normaal. Wij waren tenslotte al 3 maanden hier. En ook nog 4 maanden in India waar het nog erger is.
Maar zij kijken hun ogen uit. Op elke toeter zie je ze nu nog even schrikken, maar wij horen het al niet meer. We gaan naar de Thai en eten daar ons buikje vol. De ober herkent ons nog en vraagt of we vorig jaar hier met een vrachtwagen waren. Het is altijd weer leuk om te zien dat de mensen je nog kunnen herinneren en we dus een enorm positieve of negatieve indruk hebben achtergelaten. Iedereen is moe en we lopen terug naar het hotel om lekker te relaxen. Morgen om half tien komt de taxi ons ophalen om ons naar Bhaktapur te brengen. Ik maak nog even het reisverslag op mijn telefoon en ga dan lekker ff in een koud bad zitten, alvorens te gaan slapen. Vorig jaar was onderhandelen over de prijzen in Tamel en in het hotel eenvoudig. Er waren bijna geen toeristen en daarom konden we overal de prijs behoorlijk drukken. Met kleren soms wel met 65%, maar nu zijn er enorm veel buitenlanders en is het afdingen een stuk moeilijker. Er komt ook steeds meer verkeer in het centrum van Kathmandu en als ze slim zijn maken ze Tamel autovrij. De straten zijn maar een meter of 4 breed en je wordt gek van de toeterende motoren en auto´s. Rustig winkelen kun je vergeten, want je wordt zo tegen de vlakte gereden. Wel is hier alle straat verkoop verboden en dat is een goede zaak. Vroeger was de straat nog smaller omdat er allerlei verkopers op straat hun waren probeerde te slijten. Kleine stalletjes voor de deuren van de winkels en heet verkeer maakten je gek. De huizen zijn hoog dus alle uitlaatgassen blijven samen met het stof in de smalle straatjes hangen en dat maakt het er ook al niet gezelliger op.


Woensdag 24 september: half bewolkt en af en toe wat regen.

Overnachting in Ambasador hotel, Kathmandu, Nepal.

Om 7 uur gaat de wekker en maken we ons klaar voor een dagje Bhaktapur. Om 8 uur ontbijten we en om half tien staat de taxi voor de deur. Het is 45 minuten rijden door het hectische verkeer. De lucht is super verontreinigd en bij ons zitten alle neuzen verstopt met een zwarte brei. Morgen gaan we gelukkig naar Pokhara, waar de lucht nog redelijk schoon is en het verkeer een stuk rustiger.


Als er hier een APK keuring zou zijn reed 99% van de auto’s niet meer en zouden direct uit het verkeer worden gehaald. Soms lijkt het zwart te misten en zie je nog net de stinkende auto voor je, gehuld in een dichte mist. De rest van het verkeer gaat dan zelfs schuil onder een deken van zwarte rook. Als we aankomen is het weer vechten om goedkoper binnen te komen. We vinden het onterecht dat Janssen en Annie de volle mep, 10 usd, moeten betalen, want Chinezen betalen maar 0,75 usd. In Maleisië zijn ze Chinezen en hier Maleisiërs. We nemen voor 2 euro een gids en die verteld het een en ander over de stad. Wij zijn er al twee keer geweest en we vertellen de gids dat hij niet onze gids is, maar alleen voor Annie en Janssen, want onze interesse is na twee keer natuurlijk een stuk gezakt.
 



Rond half één nemen we afscheid van de gids en gaan in ons favoriete Laxmi guesthouse lunchen. Het bevalt ons daar zo goed, omdat de maaltijden super zijn en de prijzen laag, weinig toeristen en als je dan ook nog het uitzicht in acht neemt, op het dak tijdens de lunch, snap je wel dat dit de ideale plek is voor een lunch. Alleen begint het net als we op het dak arriveren gigantisch te regenen, dus vluchten naar beneden n het restaurant. We ontmoeten daar Nicole. Een 21 jarige studente uit Nederland en Stipe uit Duitsland.
 



We zitten super gezellig te praten en als ook de serveerster nog super goed Engels blijkt te spreken vliegt de tijd. De huishoudster van Annie en Janssen vertrekt over 2 maanden en gaat terug naar huis. Het meisje hier verdient 25 euro per maand en zou heel graag in Maleisië werken. Ze wisselen wat email adressen uit, en we hopen voor haar dat Janssen en Annie iets kunnen betekenen voor haar. Na de tour brengt de taxi ons naar Boddhanath. Hier bekijken we de grootste boeddhistische stupa buiten Tibet. Helaas regent het, maar we hebben regenjassen en een paraplu om ons en de rugzakken droog te houden. We bezoeken nog een paar mooie tempels met prachtige muurschilderijen.
 



De taxi brengt ons weer door het maffe verkeer naar het hotel waar we gelukkig heelhuids rond 4 uur aankomen. We nemen een douche en rusten even uit. Rond 19.00u lopen we naar de Japanner om te eten. Binnen is alles veranderd en we vermoeden dat er een nieuwe eigenaar is. Het eten is ook een stuk slechter dan vorig jaar, alleen de prijzen zijn hoger. De Maoïsten, die nu aan de macht zijn willen een ‘Peoples Republic of Nepal’ maken dit is een communistische staat net als China. Ook onze taxi chauffeur heeft op hem gestemd, maar weet vermoedelijk niet wat communisme is. Hij heeft een oude maar eigen taxi en denkt het nu beter te krijgen. Helaas werkt dat in het communisme zo niet. Hij is een middenklasser en zal moeten gaan betalen voor de arme en vaak ook luie bevolking. Nu is daar niets mis mee, maar alleen kan hij zelf maar net rondkomen tenminste als hij 12 uur per dag in zijn taxi rondrijdt en voldoende klanten heeft. Er is al een verandering gaande. In elk restaurant en hotel betaal je nu verplicht 10% service charge. Dit geld gaat naar de regering en aan een kant is het goed dat de regering nu eindelijk geld binnenkrijgt. Dit omdat geen enkele Nepalees belasting betaalt en enorm rommelt met de boekhouding, als ze die al één hebben, zodat ze op papier nooit een cent verdienen, en dus niets betalen. Natuurlijk is het minder leuk voor ons, omdat we nu meer moeten betalen. In de bergen betaalden we vorig jaar 1,5 euro voor een kamer en nu 6 op sommige plekken. Nu denken jullie 6 euro dat is goedkoop. Maar een kamer is een dak boven je hoofd en de wanden zijn niets meer dan een dun stukje hardboard waar, als de buren een scheet laten, het net lijkt of ze op je kop zitten te schijten. Elke scheet of nog erger het gesnurk van de buren hoor je alsof ze bij je in de kamer liggen. De bedden zijn een met planken in elkaar geslagen constructie met daarop een flinterdun stuk schuimrubber. Maar je slaapt droog en het blijft een leuk avontuur. Waar je soms dagen later nog aan denkt door de jeuk en bultjes van het ongedierte.

Ook het eten is stukken duurder dan vorig jaar en zelfs op de luchthaven betaal je 40 usd pp voor een visum en dat is het duurste visum tot nu toe. Ook moet je bij het verlaten van het land 17 euro airport tax betalen en als je dan ziet hoe smerig en gammel de luchthaven in elkaar steekt en zelfs de wc´s te klef zijn om te gebruiken vraag je je af waar dat geld heen gaat. Maar de mensen zijn vriendelijk en de bergen zijn mooi. Hoe raar het geklaag ook klinkt, we houden van Nepal.


Donderdag 25 september 2008, 25 graden en na de middag veel regen.

Overnachting bij vrienden op de camping in Pokhara, waar we vorig jaar ruim 2 maanden met onze auto stonden.

Ondanks de regen hebben we een paar leuke dagen gehad in Kathmandu. We hebben helaas Durban Square in Tamel moeten overslaan, omdat daar rellen waren. Ook gisteren avond waren door de rellen alle winkels gesloten en hebben we Tamel maar overgeslagen en buiten Tamel gegeten. Eerst waren er rellen en stakingen, omdat ze hier de koning weg wilden hebben en nu die dus weg is blijven de rellen aanhouden. Als ze zo doorgaan wordt het nooit een welvarend land. Als er een scheet dwarszit wordt er gestaakt en komt het dagelijkse leven tot stilstand. Ook de regering schakelt nog steeds dagelijks de stroom een paar uur per dag uit om stroom te sparen. Ook zijn er waterbronnen waar de mensen water kunnen halen. Een paar uren lang ,om de paar dagen, komt daar water uit. En zo denkt de regering water te sparen. Ook dit werkt niet, want iedereen heeft een grote opslagtank en het grootste probleem is dat de bronnen geen kraan hebben. Niemand weet wanneer het water komt dus als het water begint te stromen gaat er veel water verloren. Soms komt het water alleen in de nacht en staan alle bronnen water te verspillen. Wat ik ook niet begrijp is dat ze de afval verzamelen en het langs de rivier op een grote hoop dumpen. Het water, wat enorm schaars is, wordt dus nog verontreinigd ook. Nu blijft het een 3e wereldland, maar vele dingen zijn gemakkelijk te veranderen met een beetje goede wil.

Om half 6 gaat vandaag de wekker. We douchen en verlaten het hotel. Het is maar 5 minuten lopen naar de plaats waar de bus ons oppikt. Om 7 uur vertrekt de bus en zelfs op dit vroege uur duurt het weer uren voor we Kathmandu uit zijn. Overal zijn er weer files. De bus vertrekt wel netjes op tijd en de files zijn ingecalculeerd, omdat die hier altijd zijn. De weg is smal maar redelijk hersteld en we worden in het begin van de reis niet echt door elkaar geschut. De omgeving is prachtig en de rijstveldjes liggen er mooi fel groen bij. Helaas hangen de wolken voor de hoge pieken van de Himalaya en zijn ze onzichtbaar voor ons. Onze bus rijdt redelijk langzaam en we worden vele malen ingehaald door trucks en andere bussen. Onderweg zien we vele ongelukken en dus de resultaten van het soms asociale rijgedrag. Soms is het blikschade, maar als je de trucks in de afgrond ziet liggen kan het dus ook minder leuk aflopen. Rond 9 uur stoppen we in een klein dorpje voor het ontbijt en om de dieseltank bij te vullen. Er heerst weer schaarste en dus krijgt de bus maar 30 liter. Er moest heel wat gerommel aan de pomp aan te pas komen om het ding werkend te krijgen.
 



We moeten nog 130 km rijden en we hopen maar dat dat genoeg is. Om 12 uur stoppen we weer voor de lunch en dan is het nog 90 minuten rijden naar Pokhara. Als ik geniet van de omgeving en naar de rivier staar die 50 meter lager ligt zie ik op een gegeven moment 4 wielen van een truck boven het snelstromende water uitkomen. Er dus weer een vrachtwagen naar beneden gedonderd en door het snel stromende water een heel eind meegevoerd. De rivier is minstens 100 meter breed op sommige punten en de truck ligt helemaal aan de overkant, omdat daar alleen een bergwand is moet hij dus van onze kant af naar beneden zijn gevallen en door het water meegesleurd zijn.
 



Als we op de camping aankomen gaat Susan meteen naar omaatje toe en als bij oma de tranen van vreugde beginnen te vloeien heb ik moeite om mijn ogen droog te houden. Oma heeft een vies hoestje en dat blijkt ze al maanden te hebben. Ze is ook mager geworden en ze klaagt over pijn in haar borst en zijkanten als ze ademt. Ik denk dat ze een longontsteking heeft. Ze zal het niet echt lang meer gaan volhouden denk ik, maar het is een ouwe taaie dus we hopen maar op het beste.
 



Ze heeft hier ook geen leven en wacht gewoon tot het kaarsje uitgaat. Haar grootste wens is om terug naar de bergen te gaan en daar de laatste dagen van haar leven te slijten. In het Sherpa dorpje hebben ze nog een huisje, maar er is niemand om voor haar te zorgen. De salarissen zijn hier enorm laag dus willen we proberen om iemand in te huren die voor haar kan zorgen, maar dat is niet te realiseren. Om in het dorp te komen moet je eerste vliegen en dan een paar dagen lopen. Verder verteld kami ook dat mocht oma daar dan uiteindelijk overlijden Kami van de camping er dan heen moet vliegen om het lijk op te halen en de begrafenis te regelen. Dat kun je hen ook niet aandoen. Op het grasveld staan heel mooi 3 tenten klaar met matrassen en beddengoed speciaal voor ons. We leggen onze spullen erin en dan komt Maya de camping op rijden. Ik en Susan nemen haar in onze armen en verlegen zegt ze dat ze ons heeft gemist. We lopen daarna met zijn allen naar Lakesite, waar we bij de Koreaan een kleinigheidje eten. Het is nog te vroeg voor het diner en we lopen dus maar even een rondje. Rond 6 uur gaan we bij Mama Mia nog iets eten en daarna lopen we terug naar de camping.
 

In de kantine drinken we nog een drankje en zitten daar tot tien uur gezellig te buurten. Ondertussen valt de regen met bakken uit de hemel en als we ons tentje in kruipen blijkt deze niet helemaal waterdicht te zijn. Maar we zijn moe en kruipen toch ons bedje in. De binnentent is vochtig en grote natte plekken sieren het doek van de tent, maar gelukkig blijft het droog en slapen we heerlijk. Het enige wat we missen is een douche en ondanks het feit dat de wc oud en gammel is blijkt hij wel schoon te zijn en wassen doen we ons wel met een bak water de volgende 2 dagen.


Vrijdag 26 september 2008, 33 graden en onbewolkt.

Overnachting op de camping in Pokhara.

We hebben goed geslapen in de tent en zijn al om 7 uur wakker. Gisteren waren de hoge besneeuwde bergen onzichtbaar door de wolken, maar vandaag is de hemel helder en hebben we een prachtig uitzicht op de bergen van meer dan 6000 meter hoogte, net zoals we het vorig jaar regelmatig tijdens ons ontbijt zagen. Er zijn er zelfs een paar van meer dan 8000 meter hoogte in Nepal. Ook nu zien we weer wat de global warming doet, want de bergtoppen zijn steeds minder wit. Ook hier smelt elk jaar meer en meer van de eeuwige sneeuw toppen en ik vraag me af hoe lang het nog duurt voor, zeker in de zomer, de toppen niet meer wit zijn. Maar voor Janssen en Annie is het een belevenis om sneeuw te zien. Ze staan een hele tijd te kijken naar het moois wat Nepal te bieden heeft.
 



We eten een lekker ontbijtje in de kantine en lopen daarna naar het toeristen bureau en kopen 4 vergunningen om de trek te kunnen maken. Omdat we een privé gids hebben is er weer iets nieuws uitgevonden om geld uit ons te kloppen. We moeten nog een extra vergunning hebben, die natuurlijk weer geld kost. De gids moet ook 5 euro betalen om ons te mogen gidsen. We huren voor vandaag 5 fietsen en gaan eerst op zoek naar het andere bureau om de andere vergunning te regelen. Na een tijdje rondgevraagd te hebben en niemand die weet waar we moeten zijn, gaat Kami verder op zoek en rijden wij naar de overlander camping die 9 km verderop ligt. De omgeving is prachtig en iedereen is in zijn nopjes. Zelfs de weg, die vroeger maar voor 20% was geasfalteerd, is nu voor 70% klaar en het eerste stuk rijden we met aan de ene kant een blik op de bergen en aan de andere kant het grote meer. Dan verandert de weg in iets wat lijkt op een zandpad, maar dan met elke paar cm grote keien. We hobbelen en onze achterkanten zijn het fietsen niet meer gewend. Het zitten op het plastieke zadel begint pijn te doen en ik denk dat ons kontje wel pijn zal gaan doen de komende dagen. Onderweg stoppen we natuurlijk ook nog even om naar de paraglijders te kijken, die vanaf Sarangkot vliegen en hier langs de weg landen.
 



Als we bij de camping aankomen moeten we een snel stromend riviertje oversteken en afstappen ho maar. Helaas wordt het steeds dieper en blijf ik een halve meter voor de overkant steken. Dus moet ik afstappen en ben ik tot aan mijn knieën doorweekt. Debbie en Bennie, 2 overlanders die we al een jaartje kennen waren daar. Uren zitten we gezellig te buurten en om half 4 moeten we ze verlaten, want we moeten de fietsen terugbrengen. De weg terug is een hel, want mijn kont doet enorm zeer van het harde zadel. Janssen kan ook niet meer zitten en we zijn blij dat we stukjes bergop kunnen lopen. We willen ons gezicht niet verliezen, dus zeggen we tegen de dames dat we niet kunnen schakelen, maar onze pijnlijke achterkant is het probleem. Onderweg stoppen we bij het steakhouse en eten een heerlijk biefstukje en brengen de fietsen terug. Janssen fietst de laatste paar km met een lekke band, maar we halen het net tot de verhuurder. Die doet niet moeilijk en vraagt geen geld om de kapotte band te maken. Hij weet vermoedelijk wel dat de fietsen gammel en oud zijn. Maar ze hebben ons 20 km gediend dus mogen we blij zijn.


Dan lopen we naar de camping om een lange broek aan te trekken en lopen dan naar de markt om pindakaas en marsen te kopen voor de trek. Marsen kun je boven ook kopen, maar zijn dan een stuk duurder. 1 mars kost 35 eurocent in Pokhara maar in de bergen kosten ze 1,8 euro als je hoger komt. We nemen een taxi terug en Susan onderhandelt over de prijs en de rat krijgt het voor elkaar om voor 1 euro naar huis gebracht te worden. Als we in de taxi zitten vind ik dat het te goedkoop is en dat de chauffeur te weinig verdient. Dus krijgt hij alsnog een fooi van Susan. Op de camping heeft de eigenaresse lekker gekookt wat we besteld hebben en rond tien uur gaan we slapen. Voor de laatste nacht in ons avontuurlijke tentje.


Zaterdag 27 september 2008: overdag 32 graden en ‘s nachts 17.

Dag 1 van de Annapurna trek, overnachting Pothana op 2000m hoogte.

We zijn om half 7 al wakker en pakken alles wat we mee moeten nemen op de trek in onze rugzakken. De rest blijft op de camping, want we willen ons niet kapot gaan sjouwen. De rugzakken wegen rond de 12 kg en de mijne is net iets zwaarder dan die van Susan, omdat ik 10 marsen en een pot pindakaas meesleur. Na het ontbijt nemen we afscheid van de familie en stappen we in het taxi busje. Het is een half uur rijden naar Phedie, waar ons avontuur begint. De zon brandt enorm en omdat we al een beetje verbrand zijn van het fietsen gisteren is dat niet echt lekker.
 



Onze training heeft enorm geholpen, want op de eerste stop was ik vorig jaar meer dood dan levend en nu ben ik nog steeds fit. Het eerste stuk is behoorlijk stijl met ongelijke treden soms 20 cm hoog en dan weer 45 cm. Dan is het een stuk vlak en lopen we tussen de koeien en de kleine boerderijtjes door, net als een Oostenrijkse Alpenweide. 2 uur gaat het op en af en dan komen we aan in Dhampus waar we lunchen. Ik eet normaal weinig, maar nu heb ik een behoorlijk bord spaghetti en een soepje op. Dan gaat de tocht een uurtje redelijk vlak. We lopen door de bossen en omdat het regentijd is is het bloedzuiger tijd. Kami gaat de bossen in voor de grote boodschap en bij terugkomst zitten zijn schoenen vol met die ellendelingen. Gelukkig ziet hij ze op tijd en worden ze met een stokje verwijderd. Als we even uitrusten willen ze ook via mijn schoenen naar mijn benen toe om wat bloed te drinken. De beestjes zien er uit als een 2mm dik wormpje van 3 cm lang. Maar als hij zich nestelt bijvoorbeeld op je onderbeen kan hij 8 mm doorsnee worden en wel 7 cm lang. Je voelt er niets van, want tijdens de beet spuit hij een verdovend middeltje in de wond en een substantie om het bloed niet te laten stollen. Als hij vol is valt hij er af en kan dan maanden lang leven van het maaltje. De wond blijft dan nog een hele tijd bloeden maar je houdt er niets van over. De wond jeukt een paar dagen en kan gaan infecteren door het gekrab. Maar een beetje antibiotica zalf zoals neosporin, die je in India en Nepal bij elke apotheekje kunt kopen voor 50 eurocent, voorkomt dit. We lopen over een soort alpenweide en controleren elke paar honderd meter of er geen bloedzuigers op onze benen of schoenen zitten, maar we vinden er geen meer. Dan steken we een snelstromend riviertje over en Janssen wil zich even opfrissen, maar de stenen zijn glad en glibberig. Ik ben net te laat met mijn camera, want hij verliest zijn evenwicht en kan zich nog net droog houden.
 



Het laatste stuk naar ons hotelletje is weer heftig en vermoeid komen we in het fishtail guesthouse aan. We douchen ons en wassen onze shirts en ondergoed. Er is maar één douche voor 3 guesthousen, maar we hoeven niet te wachten omdat we zo laat zijn. Na het douchen maak ik op de telefoon of is het een PDA mijn verslag en daarna gaan we eten. Buiten zakt de zon achter de witte besneeuwde berg toppen en we genieten van het uitzicht. Ook al zijn we kapot, dit maakt het de moeite waard.
 



Na het eten hebben we nog een gezellig avondje en gaan om 10 uur slapen.


Zondag 28 september 2008: 32 graden overdag en 16 in de avond.

Dag 2 van de trek, overnachting in Landrung, the hungry eye guesthouse.

We hebben net als vorig jaar bijna niet geslapen de eerste nacht. Het matras was 2 cm dik en de planken van het bed gebroken. Dan nog een 20 cm hoog kussen en een snurkende buurman maken het onmogelijk rust te vinden. Half weg de nacht pak ik een van de plastic vacuüm zakken, waar de kleren in zitten en gebruik dat als kussen. Nu gaat het slapen beter, maar hou ik door het geknisper van de zak, als ik me omdraai, de buren wakker. We worden toch fris wakker om half zeven en gaan ons ontbijtje nuttigen. Ze koken op een houtvuurtje, maar weten zelfs in een pan hier pizza’s en zelfs taarten te maken. Om half negen gaan we op pad en het eerste uur gaan we omhoog en is het weer zwaar voor mij. Ook Annie en Janssen hebben het moeilijk. De rest van de dag ben ik de enige die echt geniet want alles gaat omlaag. Elke keer moeten ik en Kami een tijdje wachten tot Susan er is en daarna komen veel later Annie en Janssen aangesukkeld.
 



Elke keer als we Janssen vragen hoe het gaat zegt hij steevast “I am FIT!”, maar zijn gezicht spreekt boekdelen en je ziet dat hij echt kapot is. Hij heeft problemen met zijn knieën en hij lijkt wel een Nepalese porter. Een porter is een man of vrouw die onder andere de bagage van de toeristen naar boven sjouwt. Overal waar we stoppen krijgt onze gids en Janssen een gratis glas lemonwater, omdat ze denken dat Janssen een Nepalese sjouwer of gids is. Ook niet verwonderlijk, want Annie sjouwt een zeer kleine en bijna lege rugzak en misbruikt Janssen als pakezel. Om het netjes uit te drukken is zij een lambal. Susan en ik dragen hetzelfde gewicht en als we normaal gaan wandelen in de bergen en we maar één dagrugzak meeslepen draagt zij deze omhoog en ik omlaag. Omhoog is Susan namelijk tien keer fitter als ik, maar tijdens de afdaling ben ik veel sneller en kan dagen afdalen zonder te hijgen of te steunen.
 



We stoppen vaak om te drinken en om uit te rusten en om 1:30 uur zijn we eindelijk in Tolka waar we eten. Het duurt een eeuwigheid voor het eten klaar is en vooral Janssen heeft daar geen problemen mee. Als we om half drie weer op pad gaan zou het nog een uurtje lopen zijn naar Landrung, waar we overnachten in het hungry eye guesthouse. Helaas blijven Annie en Janssen ver achter en wordt het over vijven voor we arriveren. We hebben tijd genoeg, en het is geen wedstrijd, maar er komen zeer donkere wolken zeer snel dichterbij en we willen droog aankomen.
 



De kamers zijn top voor Nepal en als we gaan douchen blijkt de douche, waar vorig jaar tijdens onze trek nog volop aan gewerkt werd, klaar te zijn. Na een heerlijke warme douche ga ik buiten op het terras mijn verslag maken op mijn telefoon en geniet van het prachtige uitzicht. Rond 8 uur gaan we eten en is er weer een dag voorbij. Alles wat gedaan moet worden bij Annie en Janssen wordt dat door hem gedaan. Hij heeft pijn in zijn knieën en zij is fit, maar toch jaagt ze hem de trappen op om in de kamer een vest te gaan halen voor haar. Alles wat ze nodig heeft moet hij maar even gaan halen en ik maak een paar grapjes om haar te laten voelen dat ze fout bezig is. Als ik problemen zou hebben zou Susan dit mij nooit aandoen en zelfs gewicht uit mijn rugzak overladen in die van haar. Ik zou dat ook voor haar doen. We hebben aangeboden om wat gewicht uit zijn rugzak te dragen, maar eigenwijs als hij is weigert hij dat natuurlijk. Ook wilden we stokken kopen voor hem in Kathmandu, maar dit weigerde hij helemaal. Annie is wel blij met haar stokken en zou vermoedelijk nooit boven zijn gekomen zonder ze.


Maandag 29 september 2008: 28 graden overdag en 16 in de nacht.

Derde dag van de Annapurna trek, overnachting in Gandruk, breeze guesthouse.

Na een goede nacht worden we om half zeven wakker en eten ons ontbijtje. We voelen ons fit en we hoeven vandaag maar 5 uur te lopen, dus dat is wel lekker. Om half negen zijn we op pad en het eerste uur gaan we alleen maar omlaag. Ik en Kami gaan als een speer en we wachten beneden op de rest die na een kwartiertje ook arriveren. Dan ineens een gil van Annie. Er zit een bloedzuiger, die al behoorlijk heeft zitten slubberen aan haar enkel zo te zien aan het formaat. Kami haalt hem er af en ik steriliseer de wond en plak er een pleister op.
 



Een wond van een bloedzuiger blijft nog uren bloeden en alleen een pleister stopt de bloeding. Dan lopen we weer verder en begint voor mij de hel. We lopen 3 uur omhoog naar Gandruk en als we het dorp bereiken is de tocht nog niet over.
 



We moeten nog een half uur trappen klimmen om bij ons hotel te komen. Uitgeput laten we ons in een stoel glijden en rusten eerst een half uurtje uit. We bestellen ons eten en gaan dan douchen en doen ons wasje. Susan speelt nog even met een kind dat ze vorig jaar nog in haar armen had als een heel klein babytje. Nu loopt het kind al vrolijk rond,
 



We hebben een eigen douche en wc op de kamer en dat is een ongekende luxe in de bergen. Het eten is lekker hier, maar vergeleken bij vorig jaar, toen we hier ook waren, zijn de prijzen een stuk hoger. Er is een groep Chinezen gearriveerd en die maken zoals Chinezen altijd doen een berg herrie. Enorm hard praten, zodat ze een dorp verder te horen zijn, slaan met deuren, enz. Gelukkig zijn ze kapot van de trip en gaan ze al vroeg slapen. Buiten regent het en we hopen maar dat het morgen droog is. Om negen uur liggen we al in ons bedje.


Dinsdag 30 september 2008 : 28 graden en ’s nachts weer heerlijk koud.

Vierde dag van de trek, overnachting op 2600m hoogte in Sunrice lodge Bantanti.

Om 6 uur zijn we al wakker, omdat de buren herrie maken. Fluisteren kunnen Chinezen niet en als Annie en Janssen waker worden is het hele hotel wakker. Tijdens het ontbijt ontmoeten we Astrid en Bas, twee Nederlanders die in China werken en wonen. Na een gezellig gesprekje gaan we op pad en ik ben blij, want we gaan een uurtje stijl omlaag maar helaas komt er aan al dat moois een einde en moeten we hetzelfde aantal meters weer omhoog. We eten wat in Tadapani waar we vorig jaar overnacht hebben. We maken dus vorderingen, want vandaag moeten we nog een paar uurtjes lopen. Het smalle pad gaat door de bossen en het lijkt net de Efteling. Het uitzicht is echt top, tussen de bomen zien we weer de besneeuwde toppen van de bergen en we genieten meer als de vorige keer, omdat het nu minder zwaar is door de training in Maleisië. Het pad is soms breed en redelijk vlak, maar een eindje verder verandert het weer in een zeer smal paadje wat door de boomwortels moeilijk te bewandelen valt. Ook nu weer een berg treden die bestaan uit ongelijke rotsen die door het lekken van een beekje nog spiegelglad zijn. Iedereen heeft stokken om zijn evenwicht te behouden en te gebruiken als leuning. We hebben ze tijdens de afdaling 1,35m lang gemaakt en daardoor kun je ze elke keer een paar treden lager neerzetten om er vervolgens op te steunen. Helaas voor Janssen die nu de stokken goed zou kunnen gebruiken, maar er dus geen heeft, met zijn kapotte knieën. Ik bied nog aan de mijne te gebruiken, maar eigenwijs als hij is weigert hij natuurlijk.
 



Annie en Janssen blijven elke keer ver achter, want iedereen loopt op zijn eigen tempo. Onderweg zien we super fel gekleurde vogels en apen. Maar helaas is de kleine fotocamera te traag en zijn ze elke keer weg als hij afdrukt. Ik heb nog zitten twijfelen om de grote canon mee te nemen, maar dat ding weegt compleet met lenzen en flitser 5 kg en dat wil je niet de berg op sleuren als je ook nog je eigen rugzak moet sjouwen.
 




Rond 3 uur komen we aan bij het Sunrise guesthouse in Banthanti. Het is een gehucht met slechts een paar huisjes en guesthousen verscholen in een dal langs een snelstromende rivier en waterval. Er is geen douche en een zeer eenvoudige wc maar dat maakt het avontuur alleen maar groter. Ook stroom is er niet, maar alle accu’s zijn vol en we hebben zaklampen. We wassen ons in het beekje en het enige nadeel is het enorm koude water. Echt back to nature. Dit is hoe raar het ook klinkt genieten. Het eten is goed, net als de bedden en wat heb je meer nodig. Ik zit een uurtje alleen maar rond te kijken naar de bergen en het riviertje en ik raak niet uitgekeken. Dan helpen we met koken. Op een houtvuurtje wordt friet gebakken door mijzelf. Eerst 10 minuten voorbakken en dan af laten koelen. Na een uurtje bak ik het opnieuw en de friet smaakt super. Hier wordt hij maar één keer gebakken en is hij vaak zwart en niet gaar. Ja, Nederland frietland he. Mayonaise maken durf ik niet, want hoe oud de eieren zijn weet niemand. En diarree tijdens de trek is wel het ergste wat je kan overkomen. Twee jonge en super vriendelijke meisjes runnen hier de tent en als het koud begint te worden, wordt er in de ruimte waar we eten een haardvuur aangestoken en is het na tien minuten aangenaam warm. De was hangen we boven het vuur en zo kan het drogen.
 



Janssen en Kami spelen nog een spel en Kami maakt Janssen enorm in. In het begin laat hij Janssen winnen en dan ineens speelt hij uit volle kracht en wordt Janssen ingemaakt.


Het “I am Fit!” van Janssen is nu trouwens verandert door “I am not fit” en eindelijk geeft hij toe dat het enorm zwaar voor hem is. Maar nog steeds zal Annie geen kg overnemen en dat terwijl ze een rugzak draagt die maximaal 2 kg weegt en dat terwijl Janssen met zijn pijnlijke knieën wel een kilo of tien meesleurt. Het mooie is dat gisteren, op verzoek van Annie, Janssen alles moest wassen, van ondergoed tot shirts en het ergste broeken. Dat droogt natuurlijk niet en moet de dag erna aan de buitenkant van de rugzak worden gehangen om te drogen. Ja en natte broeken wegen wel een paar kg. Zelfs toen wij vertelden dat de was morgen zwaar te dragen is, antwoordde ze “Janssen can handle” ofwel Janssen draagt het toch. Ik heb haar toen even duidelijk gemaakt dat ze blij mag zijn met zo’n man en dat elke andere kerel ze een middelvinger had gegeven. Maar ze zegt gewoon, alle zware dingen zijn voor hem en ik naai thuis toch ook zijn kleren. Thuis hoeft ze verder ook niks te doen, want daar hebben ze een zielige Indonesische huishoudster voor, die al hun rommel achter hun kont opruimt. En een zusje wat kookt. Als er luiheids wedstrijden zouden worden gehouden, zou ze zeker winnen. Als de zon ondergaat eten we bij kaarslicht en daarna gaan we slapen, want veel anders kunnen we niet doen zonder licht.


Translate to any language, choose your language here above..









Copyright © door Een reis rond de wereld Alle Rechten Voorbehouden.

Gepubliceerd op: 2008-10-12 (2328 maal gelezen)

[ Ga terug ]
Content ©
Volg onze reis online, 5 jaar met de DAF de wereld door


PHP-Nuke Copyright © 2005 by Francisco Burzi. This is free software, and you may redistribute it under the GPL. PHP-Nuke comes with absolutely no warranty, for details, see the license.
Pagina Rendering: 0.06 Seconden