Welcome to Een reis rond de wereld

Travel now and work later

Hoofdmenu

Translate to any language, choose your language here above..



Reisverhalen
Wereldreis op datum:
2009

Wereldreis per land:




Favoriete links


Terugblik op.. (pdf)


De camperbouw en de dagelijkse bezigheden


Info & materialen


  
29 mei tm 4 juni 2008





Donderdag en vrijdag 29 en 30 mei 2008: 33 graden en af en toe een buitje.

Chiangmai bij Kees en Els.

Deze twee dagen hebben we voorbereidingen getroffen voor het vertrek. Verder heb ik de visa aanvraag procedures voor China, Mongolië en Rusland opgezocht op het internet en wat papieren ingescand, die we nodig hebben voor de aanvraag van de China vergunningen. Vrijdag hadden we het laatste avondmaal samen met Kees en Els en zijn we uit wezen eten. Vlak bij hun is een moo baan. Dit is een afgesloten woonwijk met eigen bewaking waar vele dure huizen staan. Er is daar een fitnessschool waar je ook nog super kunt eten. Na het bestellen van het eten zijn Susan en ik even boven bij de fitness wezen kijken, omdat we misschien een maandje daar gaan sporten in September. Als we weer bij Kees en Els zijn. Zij hebben 3 weken op onze auto gepast tijdens onze vakantie in Nederland en wij passen op hun auto als zij straks een maandje naar Nederland gaan. Verder is er weinig gebeurd deze dagen


Zaterdag 31 Mei 2008: 34 graden en vochtig.

Olifanten training center GPS N 18 21 23,5 en E 099 15 26,0

Yes, het is weer zo ver, vandaag gaan we rijden. Na een weekje bijkomen bij Kees en Els, van de drukke weken in Nederland, is het nu tijd om afscheid te nemen. We legen de wc nog even, vullen de watertank en maken alles klaar voor vertrek. De Daf start bij de eerste omwentelingen van de krukas en zelfs hij lijkt er weer zin in te hebben. We nemen afscheid en rijden dan langzaam het smalle pad af richting de openbare weg. Het is erg smal en passeren is onmogelijk. Het is een rustig weggetje, maar natuurlijk vandaag even niet. Met een berg wringwerk, want natuurlijk komen er meerdere auto’s en brommers aan, komen we toch op de doorgaande weg terecht. We rijden richting Ban Thi om daar via een redelijk brede weg naar de hoofdweg te komen die ons naar Chiangmai brengt.

Onderweg stoppen we eerst bij een banden zaak die echt ingericht is voor trucks en bussen. We laten de banden kruislings wisselen, omdat de achterbanden nu eenmaal wat harder slijten dan de voorbanden. Meerdere mensen vliegen op de truck af en het karwei is snel geklaard. Iedereen wil op de foto met de truck en de dames van het bedrijf schieten een rolletje vol met foto’s van het grote witte ding, onze Daf dus. Het is een Michelin garage, maar onze Michelins zijn toch echt 2 keer zo breed als de gemiddelde band. Super singels zoals onze banden heten, vervangen dubbellucht banden en daarom zijn ze extreem breed. Ze vinden het te gek dat die dingen bestaan. De hele balanceer machine moet worden verbouwd om die grote dingen erop te krijgen.
 



Dan rijden we naar de Carrefour om nog wat boodschappen te halen, dingen die we straks niet meer kunnen krijgen, zoals zakjes marinade, brood en beleg. De laatste keer Mac Donalds en dan rijden we richting Lampang. Onderweg zien we nog een pick-up die gedroogd vlees vervoerd gewoon open en bloot achter in de bak.
“Hier foto 310508foto5”

De weg gaat door prachtig landschap en ook over behoorlijke steile bergwegen. Als we dan een bordje Elephant training centre zien besluiten we om daar even rond te gaan neuzen. Het ligt in een ontzettend prachtig bos en rijden langs het olifanten ziekenhuis, de show ruimte, heel veel stallen, de plaats waar de olifanten baden etc etc. Het is er prachtig, alleen zijn we natuurlijk weer te laat en zien we nog net slechts een paar olifanten vlak voordat ze naar hun nachtverblijf gebracht worden. Een vriendelijke man, die goed engels spreekt, vertelt ons dat we hier jammer genoeg niet mogen blijven overnachten, want dit enorme park is echt alleen voor de olifanten. Als we echter een kilometer verder rijden kunnen we misschien wel blijven overnachten in het park.
 



We wandelen nog even rond en stappen dan in de truck om een mooi plaatsje voor de nacht te kunnen vinden, en natuurlijk ook niet te ver weg, want we willen hier morgen vroeg om 08.30u terug zijn, zodat we het badderen van de olifanten kunnen zien en om 10.00u de show. Als we een kwartiertje verder hebben gereden vinden we het Chiang Thai Resort. Een prachtig klein bungalow parkje midden in de dichte bossen. Aan de voorkant bij de informatie balie is een ruime parkeerplaats en Susan vraagt aan de vriendelijke dame of we hier voor 1 nacht mogen blijven staan. Na een paar keer uitleggen begrijpt ze dat we gewoon in de truck blijven slapen en geen bungalow nodig hebben. Dan zegt ze meteen dat het geen probleem is en ze wijst ook de toiletten aan waar we dan gebruik van kunnen maken. Dan vraagt Susan hoeveel ze vraagt voor 1 nacht en daar zegt ze niks op. Dus Susan nogmaals duidelijk maken dat het geen probleem is en dat we best wat willen betalen, maar ze wil er niks voor hebben.
 



Zo prachtig als hier om te overnachten komt slechts zelden voor, gewoon midden in de natuur in alle rust en stilte en alleen maar getjilp, gekrekel etc.
Ik ben trouwens blij dat olifanten niet kunnen vliegen, als die op je hoofd schijten…
 



We gaan nog even wandelen en overal zie je vlinders met de mooiste kleuren. Fotogeniek zijn ze normaal niet, want elke keer als je een foto wilt maken vliegen ze weg. Toch hebben we er een paar op de gevoelige plaat weten vast te leggen.
 



Na de wandeling gaan we nog even zitten in het verlaten open restaurant, ook een soort van Sala, maar dan gigantisch groot, van het resort en tijdens het bewerken van de foto’s belt Els nog even op. Kees heeft door een val van een Thaise ladder zijn been gebroken. Het was een lelijke open botbreuk die hem al 3 weken de nodige ongemakken verschaft. Nu belde vandaag een vriend uit Thailand naar hem met de mededeling dat hij op dezelfde manier dezelfde breuk heeft opgelopen. Zou het aan de Thaise ladders liggen of aan de Farang (buitenlanders). Ik denk dat we daar wel nooit achter zullen komen. We hangen gezellig een tijdje aan de telefoon en gaan dan in de truck verder met de update van de website. De accu van de laptop is leeg en zonder stroom doe je niet veel. Als dan ineens de regen met bakken uit de hemel komt vallen zijn we blij dat we binnen zitten. Het dak van het restaurant is van riet en op dezelfde manier gemaakt als de Sala van Kees en Els. Die is 100% zon dicht maar in de verste verte niet waterdicht. Maar we hebben het droog gehouden. De regentijd is al goed merkbaar aanwezig hier. Maar eigenlijk niet iets om je druk om te maken. We hebben heel de dag super weer gehad alleen rond een uurtje of 7 valt er een flinke bak water uit de hemel. Vaak regent het een paar keer per dag, erg heftig maar kort. En de meeste regen valt in de avond en nacht. We starten de airco op en gaan in bed nog even een filmpje kijken.


Zondag 1 Juni 2008: 34 graden en heel de dag droog en zonnig.

20 km voor Phitsanulok Gps N 16 51 09,4 en E 100 21 10,8.

We staan vandaag een keer vroeg op, om 7 uur gaat we wekker. We willen op tijd bij de olifanten zijn die om 9:30 hun bad nemen. We starten de truck en die is natuurlijk niet blij als we na 100m al een heftige klim krijgen. De Daf heeft weinig trekkracht als hij niet helemaal warm is. De motor heeft wel 10 minuten warm gedraaid, maar de echte power voor zover je van power kunt spreken komt pas na een kilometer of 2 rijden. Ik stop even voor de heftige helling en zet de 4x4 aan. Nu vliegt hij de heuvel op en als we boven zijn aangekomen kan de 4x4 meteen weer uit. We rijden een paar km richting de grote parkeerplaats en parkeren daar de auto. We hebben nu 2 goede camera’s en aangezien Susan het ook leuk vindt om foto’s te maken nemen we ze gewoon alle twee mee. Ik de Canon D40 met 18/200 mm lens en Susan de Canon D60 met een Tamron 28/200 mm. We lopen even een stuk terug, want we kwamen langs een baby olifantje en dat willen we natuurlijk eerst even zien.

Als we bij moeder en dochter aankomen willen we foto’s maken, maar elke keer komt ze op ons af en we kunnen alleen foto’s maken als ze tegen het hek staat en dat is jammer. Als ik dan snel naar de andere kant loop hoop ik dat ze iets later naar mij komt lopen zodat ik ze van voren en een meter of wat voor het hek op de foto kan zetten. Helaas is het kleine ding net Jos Verstappen. Hij vliegt door het zand en staat al weer tegen het hek voor ik een foto kan knippen. Dan komt een verzorger aangelopen met een fles melk.
 



Op dat moment heeft jet beestje natuurlijk alleen nog maar oog voor de 4 liter melk. Hij klimt bijna over het hek om bij de fles te komen. Susan koopt een berg bananen en geeft die eerst aan de moeder die ze als pinda’s ineens doorslikt. Ja, zo’n trosje bananen vult nog geen holle kies bij een olifant. We lopen terug naar de parkeerplaats en komen een groep toeristen tegen. Als ik Nederlands hoor praten maken we even een praatje. De tijd vliegt en voor we het weten is het al bijna tijd voor het bad ritueel van de olifanten.



Snel lopen we naar een meertje waar de olifanten worden gewassen. Je kunt hier als toerist een cursus volgen van een week of zelfs een dag om een olifanten mahoet ( begeleider ) te worden. Vandaag zijn er een tiental Europeanen die het eens gaan proberen. Als eerste mogen ze op de rug van een olifant te water en een paar dames glijden zo het water in als de olifant op zijn zij gaan liggen.

Na het bad lopen ze naar een open plek met tribunes om hun showtje te geven. Ik ben hier al eens geweest, 20 jaar geleden, en eigenlijk is er niet zo veel veranderd. De olifanten sjouwen met boonstammen, schilderen een te gek schilderij en maken nog muziek ook.
 



We hebben echt genoten van de show. Wat we wel vreemd vonden was dat we geen entree hebben hoeven betalen. Gisteren zijn we door een open en verlaten slagboom gereden en misschien dat daar een ticket hokje was. Na de show starten we de truck en rijden dezelfde weg terug als waar we binnengekomen zijn. Als we bij de ingang aankomen zien we een groot hok met een politieagent erin en we besluiten maar door te rijden. Ze kijken een beetje vreemd, want ondanks het feit dat de weg een stippellijn in het midden had bleek het dus een eenrichtingsweg te zijn. We wilden nog stoppen om netjes een kaartje te kopen, maar door de blik van de agent, waarbij het leek of hij water zag branden, zijn we maar doorgereden.
 



De weg gaat weer door de prachtige natuur en natuurlijk dor de af en toe best steile bergpassen. We genieten volop van de omgeving en als we af en toe omhoog sukkelen, maar wel alle andere vrachtwagens inhalen, maakt het ons niets uit dat het niet met 60 km/uur gaat. We rijden over de 11 richting Phrae en zien ineens een immens grote liggende boeddha.
 



Even in de spiegels kijken en vol in de ankers, want dit willen we niet missen. Voor de tempel is een groot veld, zo groot als een paar voetbalvelden, en we parkeren de truck ergens in een hoekje. We nemen alle twee onze camera’s en schieten honderden foto’s. Als we dan weg willen rijden zien we dat er achter de boeddha een dak uitsteekt van een tempel.



We besluiten daar ook maar even een kijkje te gaan nemen. Wat een pracht en praal. Diverse tempels met de mooiste kleuren die bewaakt worden door 2 enorme beelden. De schoenen gaan weer uit en we lopen de tempel binnen.
 



Na het bezoek aan de tempel rijden we weer verder en als we bijna in Phitsanulok zijn, zien we een groot tankstation met supermarkt, diverse eettentjes en een mega grote parkeerplaats. We parkeren de truck en gaan eerst even iets eten. Het is een soort Thais buffet en we kiezen voor rijst met een ei en varkensvlees met basilicum. En het was met toch lekker. Natuurlijk was het ook weer Phet maak, ofwel enorm pittig. Maar we kunnen wel wat hebben tegenwoordig. Dan snel de generator aan en de airco in het leefgedeelte aanslingeren. De airco kan heel de nacht draaien op de accu’s, maar omdat het nog vroeg en super heet is, willen we toch ook koel de website en foto’s klaarmaken. Rond half tien gaan we naar bed en kijken nog een filmpje. De airco in de slaapkamer gaat aan en de generator uit. Wat een luxe hebben we toch in ons campertje.


Maandag 2 juni 2008: 38 graden en mega vochtig.

Susan staat om 7:15 uur op uit bed en gaat de updates voor de website controleren. Ik blijf nog even lekker liggen in mijn koele bedje. Als ik eruit kom rond 8 uur ga ik eerst even de motorverwarmer repareren. Er zit een schakelaar in de truck waarmee je het ding aan en uit zet en door het gewicht van een kabelboom zijn alle stekkertjes er vanaf geschoten. Ja, 4 draadjes en 6 kontakten, dat wordt even puzzelen. Gelukkig heb ik de aansluitgegevens bij me en is het in een minuutje gepiept. Rond 9 uur rijden we richting Khon Kaen. De weg gaat het eerste stuk over redelijk vlak terrein maar na een km of 20 beginnen de bergen weer te komen. We volgen weg nummer 12 en ik was al bijna vergeten hoe het is om een hele dag door de bergen te rijden.
 



Het lijkt wel een achtbaan. Elke paar honderd meter gaan we omhoog en dan weer omlaag. De gemiddelde snelheid daalt enorm. De ellende is dat het ook nog barst van de bochten en dat maakt het allemaal niet gemakkelijker. Normaal kun je bij een rechte weg je omlaag laten denderen als je tenminste ziet dat het een eindje verderop weer omhoog gaat. Maar nu zie je maar een klein stukje van de weg en gokken zou zelfmoord zijn. Regelmatig moet de Daf in zijn 2e versnelling en zelfs een paar keer in zijn 1! Het is lang gelden dat het zo steil was. Naar beneden moet ook in de juiste versnelling, want anders krijg je hem nooit meer stil gezet. De motorrem heeft vandaag weer hard moeten werken om de truck onder controle te houden.
 



Rond de middag stoppen we even bij een waterval en maken een paar mooie foto’s. Susan begint honger te krijgen en we stoppen bij een lokaal restaurantje. We eten een soepje en willen daar graag een gebakken ei bij. Wonder boven wonder bestellen we een gebakken ei en krijgen wat we vragen. Khai phat soong, mai say kaaw. Het zal wel voor geen meter hebben geklopt, maar we krijgen een eitje zonder rijst. Het is elke keer weer lachen als we iets bestellen en iets heel anders krijgen. We staan op de parkeerplaats van een schooltje en vele kinderen staan in hun pauze een beetje verlegen naar ons te kijken. We zwaaien, maar in eerste instantie durven ze niet terug te zwaaien. Als we dan het terrein afrijden vinden de kinderen ergens een beetje lef en zwaaien uit alle macht ons uit.
 



De weg is echt prachtig maar vermoeiend. De kilometers tikken maar langzaam voorbij en we stoppen nog een paar keer op zoek naar een wifi netwerkje. Als we er een vinden bij een restaurant besluiten we maar te overnachten op deze plek. Ik verzend eerst even mijn emails en wil dan de weg oversteken naar het pompstation. We staan langs de weg in de blubber en we zijn met 2 wielen zeker 40cm in de modder gezakt. Ik wil wegrijden en moet stoppen, omdat er verkeer op de doorgaande weg aankomt. Als ik dan weg wil rijden gaan de wielen vrolijk rond maar beweegt de truck voor geen meter. Mmmmm we zitten vast. Maar geen nood we hebben een 4x4. Ik schakel de 4x4 in en rijd met een beetje heen en weer bewegen langzaam de blubber uit. Niet te veel sturen en met een grote bocht proberen we de vaste grond weer onder de wielen te krijgen. Het lukt en zonder veel moeite steken we de straat over en rijden we het tankstation op. Ik gooi mijn tank vol en merk dat de diesel hier ook een stuk duurder is geworden. 3 weken terug was hij nog 70 eurocent en nu 82. We parkeren de truck achter het tankstation en gaan in een gezellig restaurantje eten. We zijn niet de enige buitenlanders, want aan een andere tafel zit Pierre uit Leiden. Als we hem groeten, in het engels, blijkt hij uit Nederland te komen. Hij is op familie bezoek bij de ouders van zijn mooie Thaise vriendin. We zitten gezellig te praten en dan vraagt hij of we rookworst lusten. Nou dat gaat er wel in. Hij is net uit Nederland gekomen en heeft een hele koffer met rookworsten van Unox bij zich. Hij vraagt zijn vriendin om twee rookworsten te pakken en we vinden het super dat we die gekregen hebben. Ja, die konden we jammer genoeg niet meer meenemen in onze bagage, aangezien we al aan ons gewicht zaten met alleen maar de reserve onderdelen en de drop, toen we uit Nederland terugkwamen. Pierre als je de website leest nogmaals hartelijk bedankt voor het lekkers, we zullen aan jullie denken als we ze oppeuzelen.

Na het eten nemen we afscheid en lopen we nog even bij de supermarkt binnen. We kopen een lekker ijsje, en wat chips voor magere tijden! Dan ga ik de terugblik maken over India en probeer niet te negatief te zijn. Dan nog even de update voor de website en de emails lezen en beantwoorden en dan is het alweer tijd om te gaan slapen.

 

Dinsdag 3 juni 2008: 38 graden en heel de dag droog. Om 19:00 uur is het nog 34,3 graden buiten.

Overnachting in Roi Et, GPS N 16 03 47,3 en E 103 39 29,8

Susan is om 7.30u alweer op en kijkt de terugblik en update na. Zelf sta ik pas om 09.30u op en verstuur ik alles snel even. Wie weet wanneer we weer internet hebben. Ik ontvang nog een paar mails van o.a. Thomas, een kennis uit Kuala Lumpur waarin hij vertelt dat we bij hem kunnen blijven staan. Hij heeft een outdoor shop en op zijn terrein vonden we een paar maanden geleden Casper met zijn truck. We zijn blij dat er zoveel gastvrije mensen zijn op deze aarde, wat het reizen een stuk aangenamer en gemakkelijker maakt. Probeer maar eens een overnachtingplaats te vinden midden in Kuala Lumpur. We zwengelen de Daf aan en rijden richting Roi Et, de plaats waar een van de grootste staande boeddha’s ter wereld staat. De weg is weer super en 90% is heerlijk vlak, alleen het laatste stuk gaat weer als een achtbaan omhoog en omlaag. Dit keer maar een 100 meter elke keer dus dat is goed te doen. Het verbruik was vandaag weer lekker laag 16,7 liter op 100km en dat is weer 1 op 6. Als we Roi Et, letterlijk vertaald betekent dat 101, binnen rijden zien we nog nergens de grote boeddha. Dat immense ding moet toch boven de stad uitsteken zou je zeggen. Zou hij misschien ook op vakantie zijn? Maar dan zien we een gouden hoofd boven de daken uitsteken. We gaan midden door de gezellige stad om bij de tempel te komen. Parkeren is in eerste instantie een probleem, maar we vinden toch een mooi plekje aan het water. Net als we uitstappen om de boeddha te gaan bekijken zie ik een lokale visser die zijn net uitgooit in de rivier.
 



Of hij wat gevangen heeft weet ik niet, want we wilden zijn vangst niet afwachten. We lopen door de kleine straatjes en de boeddha is niet te missen. Hij steekt echt kop en nek boven de huizen uit. Helaas staat de zon achter de boeddha en is er geen mooie foto van te maken. Alhoewel de tegenlicht opname met de zon achter de boeddha is toch wel gaaf.
 



Er zitten nog een stuk of wat kleine monnikjes op een trap van de tempel en ze roepen iets en beginnen allemaal te lachen. Wat ze riepen? Ik heb geen idee, maar als wij ze goede zin hebben gegeven, heb ik daar geen probleem mee. We lopen verder en gaan naar de lokale markt, waar echt alles te koop is. We kopen 8 verschillende gerechtjes en nemen die mee om straks in de camper op te eten.
Het is trouwens leuk om te zien hoeveel verschillend fruit ze hebben.
 



De donkere vruchten boven zijn mango steen, een vrucht die aan de binnenkant lijkt op een knoflook bolletje maar smaakt heerlijk zoet en sappig, en de rode dingen zijn rambutans een soort van lychees.
 



Dan de jackfruit een lekkere, maar enorm stinkende vrucht. Verder zijn er complete kant en klaar maaltijden te koop en zelfs kraampjes waar je zelf je salade kunt samenstellen om vervolgens ook nog eens een dressing uit te mogen kiezen uit 10 verschillende en lekkere smaken.




Alles wat ooit leefde is hier te koop als lekkernij. Wat denk je van deze insecten? Ik moet ze echt nog eens proeven. Als we naar buiten lopen zit er nog een oud vrouwtje te bedelen en we geven haar maar een kleinigheidje, want het oudje raakt onze ziel.
 



Dan lopen we door de achterbuurten van Roi Et en ondanks dat het een rommeltje is, zijn de mensen vriendelijk en groeten ons als we langs wandelen. In de camper zetten we snel de airco aan en gaan we genieten van het heerlijke eten. 90% smaakt echt heerlijk en ondanks het feit dat het soms mega pittig is, beginnen we te wennen aan de pepers en eten we het zonder dat het bij het verlaten van het lichaam je sluitspier in de brand zet zoals vroeger. Wel worden we al maar zwaarder door het heerlijke eten, zelfs Susan heeft een buikje en dat is uniek, want normaal zit er een gat op de plaats waar normaal een buik hoort te zitten.


Woensdag 4 juni 2008: bewolkt, maar toch nog 36 graden.

Overnachting Roi Et dezelfde plaats als gisteren, mooi langs het water.

Vannacht viel de regen met bakken uit de hemel en het kletteren van het water op het dak klonk gezellig, net als vroeger op de camping in Oostenrijk. Gelukkig bleef het, in tegenstelling tot vroeger in Oostenrijk, wel droog binnen. Vroeger moest je dan in de nacht je tentje uit en stond je met je schepje een greppel om de tent te graven om het water buiten te houden. Ik denk trouwens dat die greppel hier weinig effect zou hebben, want er valt hier een heel stuk meer regen bij een klein buitje dan in Oostenrijk bij een stortbui. De druppels tikken ook niet op het dak, maar het klinkt meer als een waterslang de op het dak wordt gericht. De regen is hier moeilijk te omschrijven als je hier nooit bent geweest zul je het niet kunnen bevatten hoeveel regen er binnen een half uurtje naar beneden komt.

We wassen ons en ontbijten met de lekkere dingen die we gisteren hebben overgehouden van het avondeten. Zelfs koud smaakt het heerlijk. We blijven nog een dagje staan en hopen maar dat de zon nog doorkomt om de accu’s te laden. Om half 9 is het nog vol bewolkt en de pv panelen leveren nog maar 250 watt en dat is net genoeg om de accu’s helemaal vol te krijgen. Maar als ze niet vol worden starten we aan het einde van de middag wel even de generator. Na alle ellende die we met de Mastervolt Wispher 3,5 generator hebben gehad zijn we nu super tevreden met het ding. We staan 10 meter van bewoonde huizen af en de generator kan gewoon lopen zonder dat er iemand last van heeft. We hebben vele generatoren horen lopen en elke andere diesel/benzine, die we hebben gehoord bij andere Overlanders, maakt zoveel herrie dat je hem niet kunt laten lopen in de buurt van huizen.

Er wordt wel eens gevraagd wat we wel en niet zouden kopen als we alles van te voren hadden geweten. De omvormers, solarlader, wc, generator, koel/vrieskast, wasmachine, zonnepanelen, tv, diesel kookplaat, en de verwarming hadden we zo weer opnieuw gekocht. Alles werkt super en heeft ons na een goede installatie nooit in de steek gelaten. En natuurlijk onze Daf die heeft zich ook wel bewezen op de soms enorm slechte wegen. Als we terug komen in Nederland, eind 2009 gaan we even kijken wat we gaan doen met de truck. Of we gaan na een paar maanden al weer op reis naar Zuid Amerika en verkopen we de truck daarna, of we verkopen hem in 2009 en bouwen weer een nieuwe om daarmee naar zuid Amerika te gaan. Als er mensen zijn die onze super luxe truck willen kopen moeten ze me maar een mailtje sturen of een verzoek in het gastenboek zetten. Met deze super expeditie truck is het instappen starten en wegwezen uit Nederland. Een truck met dezelfde luxe als een 5 sterren hotel vind je nergens. Mede door de 1300 watt zonnepanelen en de enorme accu’s kunnen we de airco heel de nacht gratis laten lopen en koel slapen, is toch wel heel erg lekker. Vele Overlanders vinden dat je geen airco nodig hebt, maar toen de hete periode er aan kwam moesten ze allemaal een hotel boeken om te kunnen slapen. Die kosten sparen wij weer uit en wij slapen altijd in een schoon en heerlijk zacht bed. Ook werden we in eerste instantie uitgelachen over de wasmachine, maar achteraf vind iedereen het toch echt super. We zijn helemaal selfsupporting net als een gewoon huisje hebben we alles bij ons wat we nodig hebben.

We zijn eigenlijk super tevreden met de Daf, maar ik vind het super leuk om een camper te bouwen. We hebben natuurlijk weer veel geleerd ivm de indeling dat het altijd weer leuk is om een jaartje in Nederland te blijven, tussen de reis door, en een andere truck te bouwen. Rond een uurtje of tien gaan we op pad gewapend met foto en video camera. We willen Roi Et nog een keer gaan bekijken en er nu wat meer tijd voor uit trekken. Als eerste gaan we bij een grote tempel kijken waar we gisteren alleen lang hebben gelopen. Elke tempel kent wel zijn enorme pracht en praal en is versierd met goud. Ook de mystieke geur en mist van wierrook geeft je een oosters gevoel net of je in de Fatamorgana van de Efteling rondvaart.
 



Als we door de smalle straatjes lopen worden we elke keer vergezeld door vele honden. De honden zien er hier goed uit en de meeste hebben zelf een halsbandje om dus hebben ze een baasje die voor ze zorgt. De kleinste rakkers maken de meeste herrie en als je door hun territorium loopt, denken ze indruk te maken door zo hard mogelijk te blaffen. Ze lopen blaffend achter je aan en als je hun territorium verlaat zijn ze blij. Ik als kleine hond heb die grote buitenlanders toch mooi verjaagt. Als ze niet blaffen hadden we dat ook gedaan, maar ach als het hen een goed gevoel geeft. Soms draai ik me om naar de herrie maker en vlieg er op af met een beetje herrie. Ze vliegen aan de kant en gaan dan 100 meter verder naar me staan te blaffen. Wat een lefgozers hè. Als we langs de kleine huisjes lopen zien we hoe een moeder haar kindje heen en weer wiegt in de hangmat en dat oma een maaltje kookt.
 



We wisselen nog wat woorden met een jonge monnik die een paar woorden Engels spreekt en het blijkt dat hij al tien jaar in de tempel woont. Van elk gezin is het normaal dat tenminste één kind monnik wordt. Soms voor het leven en soms voor een paar maanden. Een soort godsdienstelijke dienstplicht net als bij ons vroeger het leger, alleen dan zonder geweld en beter voor de ontwikkeling van de jongens. We lopen verder en komen bij een grote tempel die aan de overkant van een meertje ligt. Binnen op het terrein staan een paar etensstalletjes en we kopen bij elk stalletje wat. Susan bestelt een groene papaja salade, en we vertellen de dame dat we geen kreeftjes erin willen en dat het niet te pittig moet zijn. Goed dat we dat er bij hebben gezegd, want ondanks dat er, in plaats van 5, maar 2 pepers in zitten is het zo scherp dat je lippen in brand staan.
 



Ik hou het wat minder pittig en bestel 2 verschillende saté stokjes. Niet pittig, maar wel lekker en het is voedsel wat qua smaak redelijk dicht bij de Hollandse snackbar komt. Het zijn namelijk een soort knakworstjes die aan een saté stokje geregen zijn en die in vet worden gefrituurd. Dan neem ik nog een lekker ijsje en zitten we weer vol voor een prikkie. Als we verder lopen zien we het aquarium van Roi Et waar alle zoetwater vissen van Thailand te vinden zijn. We zoeken naar het hokje waar we een kaartje kunnen kopen en die vinden we nergens. Het is gratis en als we binnen komen staan we te kijken dat zo iets moois niets kost. De ramen van de aquariums zijn zo schoon dat het lijkt of er geen glas voor zit. We kunnen ook nog onder de vissen doorlopen en zien dat er buiten de kleintjes een hele hoop vissen rondzwemmen die minstens 1 meter lang zijn. Al de vissen hebben weinig kleur maar hebben wel de meest vreemde vormen. Na het aquarium lopen we verder en gaan in het midden van het meer een groot park bekijken. Susan koopt bij een kraampje wat visvoer en als ze dat in het water gooit begint het water te koken. Echt duizenden vissen springen over elkaar heen om maar een beetje voer te bemachtigen. Als we door het mooie park lopen zien we vele meisjes in schooluniform, ze zitten onder de bomen te leren en ze lachen vriendelijk als ik een foto maak. De meesten zwaaien naar ons en proberen een paar woordjes Engels te roepen. Maar niet iedereen heeft oog voor ons, een jong verliefd stelletje zit in een nis een beetje te rommelen en schrikken zich kapot als ze ineens een buitenlander met fotocamera zien, maar de foto is allang genomen.
 



Na het park lopen we terug naar de truck om even uit te rusten. Binnen is het 32 graden en dat is koeler dan buiten. Als we de ventilator aanzetten is het goed te doen. Ik zet de laptop aan en Susan vraagt me om haar een fotografiecursus te geven en dat gaan we dus maar eens doen. Onder de reis heb ik al meerdere malen een foto cursus gegeven aan andere mensen en nu wordt het tijd om Susan eens de kneepjes van het vak te leren. Na een uurtje stoppen we, want Susan zit vol en neemt niets meer op. Ze weet nu in ieder geval alles over diafragma's, sluitertijden, scherptediepte en de volgende keer gaan we weer verder. Ze is wel leergierig en tijdens de cursus pakken we de 2 digitale Canons en laat ik zien hoe je alles met de hand kunt instellen. De zonnepanelen hebben om 15:00 uur al meer dan 5kw in de accu’s gepompt en dat terwijl het half bewolkt is. Nog een paar uurtjes en de accu’s zijn weer vol en hebben we weer energie voor heel de nacht. Rond een uurtje of 5 gaan we naar de lokale markt om eten te kopen. De geuren van het eten prikkelen in je neusgaten en ze variëren van heel lekker tot super onsmakelijk. Het is altijd weer gezellig op de lokale markt, de mensen zijn vriendelijk en alles kun je proeven. Toen we vanmiddag langs de markt kwamen was het gebouw helemaal leeg, elke avond wordt het opnieuw opgebouwd. De marktkooplieden zijn thuis heel de dag bezig met het maken van al het lekkers om het in de avond te verkopen. Wat me trouwens opvalt is dat er niet 100 keer hetzelfde staat. De meeste eetkraampjes hebben ander voedsel en zo ontstaat een erg gevarieerd aanbod. In het donker lopen we terug naar de truck en zwengelen de airco weer aan. Vandaag gaan we niet al te laat slapen, want we willen morgen weer verder rijden.









Copyright © door Een reis rond de wereld Alle Rechten Voorbehouden.

Gepubliceerd op: 2008-06-02 (2533 maal gelezen)

[ Ga terug ]
Content ©
Volg onze reis online, 5 jaar met de DAF de wereld door


PHP-Nuke Copyright © 2005 by Francisco Burzi. This is free software, and you may redistribute it under the GPL. PHP-Nuke comes with absolutely no warranty, for details, see the license.
Pagina Rendering: 0.05 Seconden