Welcome to Een reis rond de wereld

Travel now and work later

Hoofdmenu

Translate to any language, choose your language here above..



Reisverhalen
Wereldreis op datum:
2009

Wereldreis per land:




Favoriete links


Terugblik op.. (pdf)


De camperbouw en de dagelijkse bezigheden


Info & materialen


  
18 t/m 23 november 2007





Zondag 18 november 2007

Om 05.45u gaat de wekker. We moeten namelijk om 07.00u bij het busstation zijn, waarvandaan we vertrekken naar Kathmandu. Vandaag is het Maya’s 20e verjaardag en ik schrijf nog snel een kaartje voor haar. Het is al 06.45u als we onze koppen buiten de camper steken, Maya feliciteren en snel naar het busstation wandelen (ongeveer 10 minuten). Bij het busstation lopen allemaal mannen rond met een grote schaal zoete broodjes, en aangezien we gisteren pizza’s hadden gekocht voor onderweg, maar door het gehaast totaal vergeten zijn mee te nemen, kopen we dus hier maar snel een paar appelbroodjes, een kaneelbroodje en een chocolade broodje speciaal voor de jarige job. We zijn nu alleen heel erg benieuwd naar wat we aan gaan treffen in de koelkast als we terugkomen. Heb ik dus waarschijnlijk totaal voor niks heel de koelkast gepoetst.
 



Pas om 07.38u rijdt de bus aan, als we dit geweten hadden, hadden we dus makkelijk even op en neer kunnen lopen om de pizza’s op te pikken. Als we 5 minuten onderweg zijn passeren we de lokale markt waar de mensen hun waar aan de man proberen te brengen. Ook zien we even verder een karate school waar de studenten in al hun witte karate pakjes buiten op een veld aan het trainen zijn. Na een kwartiertje stopt de bus nog even om de tank vol te gooien met diesel en dat is de eerste keer dat we de prijs van diesel zien, die ongeveer 62 eurocent is. Na deze kleine stop kan de reis naar Kathmandu beginnen. Het is maar 175 km, dus je zou verwachten dat je in maximaal 2 uur tijd daar zou arriveren. Helaas werkt dat hier in Nepal en ook in India niet zo. We zullen minstens 6 uur onderweg zijn. Ondanks dat Ad altijd ziek wordt in de bus en klaagt dat hij er nooit in kan slapen, valt het reuze mee en ligt hij al na een half uurtje in coma.
 



Om 08.45u wordt er bij een wegrestaurant voor een kwartiertje gestopt voor een ontbijtje, maar wij hadden onze broodjes al op en water bij ons, dus zijn we in de bus blijven zitten. Om half twaalf stopt de bus voor de laatste keer voor de lunch en aangezien we nu toch wel trek hebben stappen we uit voor een lekker soepje. We mogen niet te veel eten, want vanavond gaan we bij de Thai eten en daar moeten we zeker ruimte voor over laten.

Na drie kwartier rijdt de bus weer verder en om 14.00u rijden via de top van de berg Kathmandu binnen, m.a.w. zijn we nu dus al zes en half uur onderweg geweest. Vanaf hier duurt het dan nog ongeveer een half uurtje voordat de bus ons dropt, ongeveer 8 minuten lopen verwijdert van het Royal Palace. Normaal stopt de bus pas op het busstation, maar hier werkt dat wel gemakkelijker, want je hoeft maar een seintje te geven aan de chauffeur dat je er eerder uit wilt en hij stopt voor je. We wandelden een half uurtje en arriveerden bij het Shankar hotel om te kijken of we voor een leuk prijsje 6 dagen in het hotel konden verblijven, maar lager dan $ 55 US dollar (excl. btw) gingen ze niet en daar kwam nog bij dat ze vandaag totaal vol geboekt waren. Morgen kunnen we terug komen, maar als we voor vanavond in een ander hotel moeten overnachten, en dat bevalt ons goed, hebben we weining behoefte om morgen over te huizen. Aan de buitenkant ziet het hotel er super mooi uit, het heeft ook 4 sterren, maar we hebben de kamers nog niet gezien en zijn zeer benieuwd of ze de prijs wel waard zijn.
 



We lopen terug de straat uit en lopen zowat recht tegen de Ambassador hotel aan.
 



We gaan naar binnen en vragen of ze kamers vrij hebben, of we de kamer even mogen zien en of ze een mooie prijs kunnen maken. Als eerste krijgen we een standaard kamer te zien en deze is voor ons al perfect. De andere kamer is een standaard deluxe, maar voor een 3e bed werd het een klein beetje te krap, dus we kozen maar voor de goedkopere, die veel ruimer was. Nu hebben we voor $ 30 US dollar (excl. btw) een perfecte kamer, inclusief btw scheelt dat dus ruim 30 dollar.
 



We droppen onze spullen in de kamer en we gaan eerst nog even op zoek naar de Indiase ambassade om uit te zoeken wanneer de openingstijden zijn en zodat we het morgen meteen kunnen vinden. Het is heel gemakkelijk, want het is in de zelfde straat als het hotel, dus dat komt goed uit. Dan wandelen we rustig richting Thamel, de meest toeristische wijk in Kathmandu, wat zijn oorsprong vond in de jaren zestig doordat de hippies de goedkope hash hadden gevonden wat Nepal voor hen een paradijs op aarde maakte, om ons favoriete restaurant op te zoeken. Een van de straten in Thamel dankt zijn naam nog steeds aan de hippies in heet Freak street. Als we door een paar smalle straatjes lopen, die we de eerste keer niet gehad hebben, passeren we geheel toevallig de beste frituur van Nepal, dan staat tenminste op het uithangbord. Je krijgt hier friet in een echte puntzak en je kunt hier zelfs een patatje oorlog krijgen. We weten nu tenminste waar we morgenmiddag gaan eten, want jullie snappen natuurlijk wel dat we Adje voor de lunch morgen nergens anders meer heen krijgen. Na even zoeken, want we waren namelijk een klein beetje de weg kwijt, vonden we Yin Yang, ons favoriete Thaise restaurant. Ad en ik bestelden een hele hoop verschillende gerechten zodat Maya van alles kon proeven. We merkten dat ze toch een andere smaak heeft dan wij. Ondanks het feit dat wij heerlijk zaten te genieten, kon zij het toch niet helemaal waarderen.
 



Na het eten in het restaurant wilden we eigenlijk gaan bowlen, maar aangezien we alledrie redelijk moe waren stellen we dat maar uit en zijn we lekker terug naar het hotel gelopen, waar ik een heerlijk bad heb genomen en Ad en Maya televisie hebben gekeken. Om 21.00u vielen onze ogen dicht en lagen we heerlijk te slapen.


Maandag 19 november 2007: Prachtig weer met een heerlijk zonnetje.

Mooi op tijd waren we wakker. Vandaag gaan we even onze visa voor India aanvragen, dan Maya’s moeder opzoeken en daarna kan Maya voor vanavond het restaurant uitzoeken. Althans dat waren onze plannen, wisten wij veel dat het totaal anders zou gaan lopen. Om 09.10u liepen we het hotel uit, Maya op de kamer achterlatend, kon ze ondertussen lekker op haar gemakje badderen.

Om 09.15u arriveerden we bij de Indiase ambassade en wat zien we, honderden mensen voor de poort van de ambassade, dit kon dus nog wel eens heel erg lang gaan duren. We stonden een uur in de rij, voordat we erachter kwamen dat we een nummer moesten gaan halen. Eenmaal een nummer in ons bezit bleken we nummer 127 te hebben en dan moet je je voorstellen dat er op een nummer ook twee of meer mensen naar binnen kunnen gaan, net als wij dus ook doen met ons nummer 127. Dat houdt dus in dat er zowat 200 mensen in de rij voor ons staan.

Om 12.30u sluit de ambassade, maar aangezien ze in zo’n ambassades niet echt snel werken gaan we dat denk ik niet redden, we merken nu al dat de rij niet echt vooruit gaat. Gelukkig stond er naast de ambassade een eettentje (door de enorme wachtrijen elke dag, uit de grond gerezen waarschijnlijk en dus ook zeer goed verdienend) en konden we in elk geval iets te eten en te drinken nemen, we hadden tenslotte toch een nummer. Eindelijk om 11.00u mochten we naar binnen. We moesten door een metaaldetectie poortje heen lopen en die ging natuurlijk af, want wij hadden er even niet aan gedacht om onze zakmessen en pepperspray in het hotel achter te laten. Ad had het nog wel van te voren in mijn tas gestoken en ik moest dus mijn tas openen. Ze vroegen of ik een mes bij me had en ik gaf ze netjes Ad zijn mes. De mijne lag echter ook in de tas met nog 2 busjes pepperspray, maar ze keken niet verder. Wat een wassen neus die controle. Als we terug naar buiten willen gaan straks, kunnen we het mes weer op komen pikken.

Na de controle konden we alweer in de rij aansluiten. Dit keer hadden we geen nummertje en ging het er dus ook totaal niet eerlijk aan toe. Bij lange na waren wij niet de laatste personen in de rij, tenminste niet toen we nog voor de poort stonden, echter aan het einde van de rit stonden er nog maar heel weinig mensen achter ons. Dat kan ik dus totaal niet velen, iedereen moet gewoon netjes op zijn/haar beurt wachten, maar bij deze hoeveelheid mensen en zo weinig ruimte, waardoor er geen nette lange rij gevormd kon worden, stond iedereen een beetje door elkaar heen en kon je dus totaal niet in de gaten houden of er mensen voordringen. Gelukkig ging de tijd iets sneller voorbij, omdat we aan de praat raakten met een Belgische vrouw, Nathalie Peters, zij woont en werkt al 2 jaar als dokter hier in Nepal en moet voor een cursus naar Europa via Delhi. Zij woont met haar man en 4 kinderen hier in Kathmandu, maar natuurlijk wel in een mooiere wijk.

Eindelijk om 13.30u stonden we bij het loket en kregen we onze formulieren om weer ingevuld bij het volgende loket af te kunnen geven, inclusief geld natuurlijk. Al die tijd was Maya totaal alleen in het hotel en begreep natuurlijk helemaal niet waar wij bleven, zeker niet omdat we hadden verteld in twee uurtjes wel terug te zijn. Het was 14.15u toen we terug kwamen in ons hotel. Het ‘feestje’ had ons even 5 hele uren gekost. Beiden gaan we snel even naar het toilet, dat was nu wel nodig en dan lopen we met zijn drietjes naar Thamel om een lekker frietje te gaan eten. Dat gaat er nu wel in. Ondertussen kijken we ook uit naar een nachthemd/pyjama voor Maya, want zij slaapt met haar normale kleren, die ze overdag ook draagt, aan in bed. Dat is schijnbaar heel gewoon hier in Nepal, maar voor ons niet en al helemaal niet in deze vieze stinkstad. Na lang zoeken wordt het dan maar gewoon een lang, extra groot, zwart shirt, maat L, maar voor het slapen is het goed genoeg.

De friet smaakte ons super, met mayonaise en pindasaus en voor Maya momo, heeft ze toch weer iets Nepalees gegeten en ze heeft samen met mij de friet opgegeten. We lopen nog gezellig door Thamel heen en wandelen daarna op ons gemak naar de bowling baan, die we gisteren ontdekt hebben. We willen de baan voor een uurtje afhuren, maar zo werkt dat hier niet. Je kan hier alleen per spel betalen en een spel is 20 ballen (worpen), m.a.w. 10 beurten. Nou dan doen we dat. Voor Maya is het de eerste keer en ze vindt het geweldig.
 



Uiteindelijk ben ik de grote winnaar, Ad tweede en Maya laatste, maar we beloven haar nog een keer terug te gaan en dan zullen we zien wie er nu echt de winnaar is. Naast de bowling baan ligt een heel mooi aangelegde tuin en nieuwsgierig als wij zijn gaan we even een kijkje nemen. Het blijkt van een restaurant te zijn en ze zijn nu helemaal druk in de weer, want over een paar dagen komt de voormalige Amerikaanse president Jimmy Carter er eten en dan moet natuurlijk alles tip top zijn. Ad heeft zin in Sushi, dus wandelen we lekker naar Durbar Marg, om de Japanner op te zoeken. Bij ‘Koto’ aangekomen, blijkt hij tot 18.00u gesloten te zijn en het is nu 17.00u. We zullen dus nog een uurtje de tijd moeten doden. Een eindje verder in de straat vinden we een pub en besluiten dan maar op ons gemak even iets te drinken en lekker zitten in lederen fauteuils.
 



Rond 18.15u zijn we terug bij het Japanse restaurant voor onze Sushi, die Ad en mij heerlijk smaakt, maar alweer is Maya het er niet helemaal mee eens. Morgen moet zij dan maar het restaurant uitzoeken. Hopelijk vindt ze dan wel iets echt lekker. Terug in het hotel, ontdekken we dat we gratis, als service van het hotel, met hun computers van het internet gebruik mogen maken. Dat had Maya vanochtend al moeten weten dan had de tijd een stuk sneller voor haar omgevlogen. Om 21.30u gaan we terug naar de kamer. Ad en Maya kijken t.v. en ik schrijf het verslag van gisteren en vandaag af. Maya haakt al snel af en ligt om 22.00u te slapen. Ad haalt nog net 22.30u en ik sluit mijn ogen om 23.35u. Dat krijg je als je niet meteen dezelfde dag het verslag al schrijft.

Nog wat sightseeing foto’s van vandaag.
 




Dinsdag 20 november 2007: De zon schijnt alweer volop.

Vandaag vertrekken ons pap en ons mam voor het eerst in hun leven op vliegreis naar een ver land buiten Europa. Maya is alweer vroeg wakker, maar blijft netjes in bed liggen tot wij ook wakker zijn. Aangezien ik het gisteren laat heb gemaakt, ben ik vanmorgen nog ontzettend moe en gaat Ad er voor de verandering eens eerder uit dan ik. Voor mij is vandaag 08.30u vroeg genoeg en het is alweer 09.30u als we gaan ontbijten. Het ontbijt is lekker met fruit, eieren, toast, thee en gebakken aardappelen, alleen zijn die op 1 hand te tellen en hadden het er zeker een heel stuk meer mogen zijn. Ze lagen er als het ware als een garnering bij. Bij zo’n kleine hoeveelheid hoeven ze ze eigenlijk echt niet op de menukaart te vermelden. Maya heeft een Nepalees ontbijt en dat smaakt ook lekker. Alleen vindt ze het brood een beetje te pittig.

Na het ontbijt even onze tanden poetsen en dan nemen we de taxi naar Patan, Zuidelijk van Kathmandu, waar we de dierentuin nog eens willen gaan bezoeken. Vandaag is het supermooi weer en we zien nu vrijwel alle dieren. De vorige keer hadden Ad en ik de helft van de diertuin overgeslagen, omdat het regende dat het goot, maar ook de dieren zelf zaten toen merendeels in hun hok te schuilen. Nu genoten we er zeker weer van. Het was dit keer ook vol schoolkinderen met hun mooie uniformpjes aan. Het waren allemaal verschillende scholen, want we hebben zeker 10 verschillende soorten en kleuren uniformen gezien. Tijdens de middag hadden ze een gezamenlijke picknick, allemaal in een grote kring zaten ze hun eten te nuttigen.



We lopen te voet terug naar Kathmandu. Onderweg heen met de taxi hadden we meerdere mooie gebouwen gezien en als we te voet teruggaan kunnen we ze op ons gemak bekijken. We hebben een mooie rondleiding door een wijk met allemaal tempels van een plaatselijke man, die ontzettend enthousiast alles laat zien en er uitgebreid over verteld. Hij spreekt een beetje Engels, maar het meeste verteld hij aan Maya in eerste instantie in Newari, maar daar verstaat ze helemaal niks van. De man dacht dat zij Tibetaanse is en het Newari is een mengelmoes van het Tibetaans en het Burmees. Als hij eenmaal door heeft dat ze toch echt alleen Nepalees spreekt, probeert hij zoveel als mogelijk Nepalees te praten en Maya vertaald het voor ons. Onderweg komen langs zijn broers huis en even later komen we ook diens vrouw tegen, die ons uitnodigt voor de thee, maar die slaan we toch netjes af, want we willen graag voor het donker is terug zijn in Kathmandu, anders kunnen we de rest van de mooie gebouwen niet meer zien.
 



Om 16.00u komen we aan in Durbar Marg en gaan we vlak bij het Royal Palace en een paar deuren verder van de Japanner, bij een Indiaas restaurant eten. Ad en Maya genieten lekker van het eten, maar ik vind het niets. De soep en het toetje waren wel heel lekker. Ook de gebakken rijst met groenten en fruit smaakte goed.

Onder het eten verteld Maya ineens dat ze een goed hamburger tentje kent hier in Kathmandu en ze hebben er ook lekkere hotdogs. Nou dat klinkt Ad als muziek in de oren en ondanks dat hij zijn buikje rond heeft gegeten, wil hij toch heel graag bij dat tentje gaan kijken. We zijn ongeveer een uur aan het lopen en zoeken in het donker, voor we het tentje vinden en tegen die tijd gaat er bij Ad wel weer een hotdogje in. Ad vindt hem goed smaken. Het is namelijk altijd wel even afwachten, want Maya’s smaak wijkt nogal af van de onze, echter dit keer deelde Ad toch wel haar mening.

We lopen weer een uur terug, een stuk door Thamel heen, maar dat was zo druk dat ik ons maar snel naar de grotere weg leidde richting de Royal Palace en zo naar ons hotel. Even snel onze e-mail checken en een klein berichtje plaatsen in ons gastenboek, zodat iedereen tenminste nog iets van ons hoort. Daarna nog even kaarten, t.v. kijken, verslag schrijven en om 22.00u slapen, want morgen is het vroeg dag.

Woensdag 21 november 2007: De grote dag. Overdag is het heerlijk warm, rond de 22 graden en na 17:00 uur wordt het erg koel, rond de 14 graden.

Susan is al een paar dagen van slag doordat haar ouders vandaag aankomen. Niet alleen zij maar ook ik telde de nachten tot ze zouden komen. Rond 9 uur gaan we eerst ontbijten in het restaurant van het Ambassador hotel en daarna checken we uit. We zijn het betaalbare hotel de laatste dagen echt gaan waarderen, de service is pesoonlijk en top. Internet is gratis en zelf via mijn telefoon met wifi kan ik gratis internetten en mijn emails ophalen. We hebben een beetje spijt dat we naar het dure Shanker hotel gaan voor de volgende 3 dagen, maar we gaan de 24e weer terug met zijn allen naar dit leuke en betaalbare hotel. We checken uit en reserveren 2 kamers voor de 24e en lopen naar het erg luxe Shanker hotel wat 400 meter verder ligt. Als we aankomen krijgen we de sleutel van de kamer en deze is erg groot en in de stijl van het voormalige paleis. Alleen de badkamer valt enorm tegen. De badkamer van het veel goedkopere Ambassador hotel was veel mooier en dit was beslist geen vier sterren waard. Het bad was aan vervanging toe en de wc doortrekken was een vak apart. Ze komen een extra bed plaatsen voor Maya en zelfs daarna is er nog voldoende ruimte in de kamer.

Wij verlaten het hotel en lopen naar de hoofdstraat om een taxi te nemen naar de luchthaven. Maya is onze tolk en dankzij de combinatie Susan en Maya betalen we maar 2,20 euro voor de half uur durende trip naar de luchthaven. Bij aankomst moeten we eerst langs de politie controle post en natuurlijk doen ze weer moeilijk. We worden behoorlijk pissig als ze blijven vragen naar de tickets en Maya al meerdere malen in het Nepalees heeft verteld dat we de ouders van Susan op komen halen, die de eerste keer zo een lange reis maken. Als Susan haar raam opendraait en we samen een beetje blaffen tegen de politieagent mogen we toch doorrijden.  Als we aankomen bij de aankomst hal zien we dat het vliegtuig 20 minuten te vroeg aankomt, dit komt goed uit want we zijn veel te vroeg. Als er regelmatig mensen door de douane komen, maar geen ouders van Susan, zie ik de traantjes over haar wangen lopen. Ik troost haar en samen wachten we verder op de komst.
 



Eindelijk zien we ze, nog redelijk fit na de lange trip, aankomen. Ze lopen naar een balie waar ze helemaal niet heen hoeven en ik probeer hun aandacht te trekken door achter de raam mijn armen van mijn lijf te zwaaien. Een agent aan de andere kant van de raam ziet dat en wenkt naar mij dat ik naar hun mag komen. Normaal mogen hier alleen mensen komen die aankomen, maar deze keer maken ze een uitzondering.
 



We vliegen elkaar in de armen en aan alle kanten vloeien de tranen. Jan, de vader van Susan, heeft al een paar dagen problemen met zijn keel en heeft bijna geen stem meer over. Zelfs Maya mag, en dat is uniek voor een Nepalees, doorlopen tot in het verboden gebied. Ze stelt zich netjes voor en ondanks het feit dat de ouders van Susan geen professionals zijn in Engels lukt de communicatie perfect. Susan had me verteld dat de ouders van haar goed Duits spreken maar gebrekkig Engels, ze hebben namelijk nooit Engels op school gehad, maar ik vond dat super meevallen. Hun Engels was goed genoeg om tijdens de reis alles geregeld te krijgen en zelfs een gesprek met Maya ging super.

Na dit zeer emotionele ogenblik droogt iedereen zijn tranen en lopen we naar buiten op zoek naar de bus van Fox reizen. De bus zal ons naar het hotel brengen. Natuurlijk worden we aan alle kanten aangevallen door de taxichauffeurs die wat geld willen verdienen. Zelfs als ze weten dat we door een bus opgehaald worden blijven ze hardnekkig. Helaas voor hun zijn wij door de reis behoorlijk gehard en schepen we ze af. Met 2 man sterk worden we opgevangen door de mensen van Fox reizen. Dit is echt goed geregeld. Het is een grote, en voor Nepalese begrippen, luxe bus en de enige gasten zijn Jan en Alda. Vip vervoer noemen we dat maar. We vragen of er nog ruimte is voor ons, dit omdat we ook naar hetzelfde hotel moeten en met een beetje smeergeld is alles snel geregeld. Met de chauffeur meegerekend zijn er 4 mensen in de weer om ons naar het hotel te brengen. Dus eigenlijk voor elke toerist 2 helpers!!! Na een ruige rit, tenminste voor Alda en Jan, die nog niets gewend zijn, komen we aan bij het mooie en zeer luxe Shanker hotel. De bellboys nemen de bagage over van Alda en Jan en de portier groet ons allen netjes en beleeft, als hij de deur openmaakt van het voormalige paleis. 2 man van Fox gaan mee naar binnen om het inchecken te regelen, en vragen ons nog of we via hun de excursies willen boeken. Helaas voor hun weten we de weg en regelen we het zelf. Voor 5 personen betaal je voor een dagje Bhaktapur al snel 125 euro, terwijl wij het voor 25 euro regelen. Als we vertellen dat we al bijna 2 maanden in Nepal zijn en de prijzen van het lokale taxi vervoer kennen geeft hij ons gelijk. We geven de 2 een fooitje en nemen afscheid. Alle 5 krijgen we een heerlijk welkomst drankje dat we nuttigen in de lobby van het Hotel. Als je op de banken in de lobby gaat zitten, zak je diep weg in de luxe lederen zetels.
 



Op weg naar de kamers lopen we door de indrukwekkende gangen van het voormalige paleis. Er was beloofd dat we kamers op dezelfde verdieping zouden krijgen maar dit was niet helemaal goed gegaan. We moesten dus verkassen naar een andere kamer. De eerste kamer op de begane grond was vele malen mooier dan die op de hogere etage, maar de laatste was wel groter. Weer moest er een extra bed worden geregeld voor Maya, maar dit was snel geregeld. Alda en Jan konden zich nu eindelijk na anderhalve dag even lekker douchen en daarna komen ze naar onze kamer, voor de eerste kennismaking met Kathmandu, de hoofdstad van Nepal.  Ik had mijn oude laptop aan Wim, onze webmaster gegeven, maar hij was zo lief om deze weer ter beschikking te stellen voor het goede doel in Nepal. We waren bang dat de douane hem in het paspoort zou zetten bij binnenkomst, zodat we hem ook weer uit zouden moeten voeren, maar gelukkig werd dat niet gedaan. Maya helpt de kinderen van het SOS kinderdorp door ze te helpen met hun Engelse les en we hebben zitten dubben wat we zouden doen. Geven we de laptop aan het kinderdorp of aan haar? We besloten om hem aan haar te geven zodat zij hem mee kan nemen als ze les geeft op het kinderdorp. Toen we de laptop aan haar overhandigde stonden de tranen in haar ogen. Wim, ze zal je nog wel een persoonlijk bedank mailtje sturen als we in Pokhara terug zijn. Ik denk als Wim haar op dat moment had gezien zou hij zeker, net als wij, een extreem goed gevoel hebben gehad.
 



We moeten nog wat software installeren als we in Pokhara zijn, zodat ze leer dvd’s af kan spelen maar software hebben we genoeg bij ons. Ze leert erg snel, en is erg onder de indruk van de spellingchecker in de tekstverwerker (word). Dit alleen al maakt het verbeteren van haar Engelse schrift een stuk gemakkelijker. We laten haar een password verzinnen en ze kiest uglykid. Waarom de naam lelijk kind? Omdat ze vaak voor de gek wordt gehouden en dit woord naar haar hoofd krijgt geslingerd. Ze heeft een mooi gezicht en is misschien iets te zwaar en klein, maar lelijk vinden wij haar zeker niet. Het is mooi om haar te zien genieten van haar “Vakantie” samen met ons. Kleine dingen zoals een glas ijsthee waar op de rand een stukje citroen zit en waar ijsblokjes indrijven zijn voor haar al iets speciaals. Ze vertelt ons dat niemand van haar vrienden zal geloven dat ze dit heeft meegemaakt.

Als Jan en Alda zich lekker hebben opgefrist gaan we lopend naar Thamel, dit is en de vroegere hippie wijk en het toeristische centrum van Kathmandu. Wij zijn ondertussen gewend aan het drukke, stinkende en chaotische verkeer, zeker in de spits, maar voor Alda en Jan was dit wel even anders. Je hebt 4 paar ogen nodig om veilig een straat over te steken en je moet ook nog rechts kijken en dan pas naar links, doordat het verkeer hier links rijdt. De smalle straatjes rond freakstreet zijn bezaaid met winkeltjes waar je kleren, cd’s en natuurlijk souvenirs kunt kopen. Helaas heb je ook hier ogen nodig in je rug zodat je de motoren, taxi’s en riksja’s kunt ontwijken. Het is meteen de vuurdoop voor de twee nieuwe wereldreizigers. Alda neemt het zoals het is en ik zie Jan zich een paar keer enorm ergeren aan deze malloten. In het begin ergerden wij ons ook enorm aan de kwaliteit van de chauffeurs, maar we kunnen de evolutie hier toch niet meer veranderen en we nemen het maar zoals het is. Het toeteren horen wij al niet meer en binnen een week zijn Alda en Jan daar ook wel aan gewend. We lopen nog even een internet café binnen zodat Alda even een mailtje kan sturen naar huis. Iedereen wil natuurlijk horen dat ze heel en fit aangekomen zijn in Nepal. We zien ook dat onze nieuwe ruit is verstuurd en dat die pas maandag avond zal arriveren in Kathmandu. We boeken dus morgen maar een paar extra dagen bij in het Ambassador hotel. Op en neer rijden kost nog meer geld en dan maar een paar dagen extra hier.

Naast de Thai is een ATM machine (pinautomaat) en we gaan eerst even pinnen zodat we weer genoeg geld hebben voor de komende week. Ook Jan neemt wat Nepalees geld uit de automaat om souvenirs te kopen. Bij de Thai bestellen we een tafel vol met heerlijke gerechten en voor Maya bestellen we chowmien, een soort bami, omdat ze anders veel te weinig eet. Tijdens het eten proeft ook Jan de chowmien en het bevalt hem erg goed. Dat hij het lekker vindt komt goed uit, want overal in Nepal kun je dit gerecht krijgen, zelfs in de bergen, tijdens de trekking.

Na het genieten bij de Thai lopen we nog even door Thamel om wat winkeltjes te kijken. Onderweg wordt Alda aangesproken door een bedelaartje van een jaar of 10 die erg hardnekkig is. Helaas voor het bedelaartje weet ik daar wel raad mee. Ik stuur hem met de juiste gebaren en een boze blik weg waarna hij met een lang gezicht de benen neemt, op zoek naar een andere toerist. Het was ook voor ons erg moeilijk om de bedelaars te weerstaan, maar geld geven heeft geen zin. Als je ze geld geeft weten ze dat bedelen hun gemakkelijk aan een inkomen kan helpen en zullen er alleen maar meer bedelaars komen. Daar komt nog bij als je er eentje geld geeft je binnen 1 minuut door honderden wordt aangevallen. Ik ben redelijk bot tegen ze maar dat is de enige manier om van ze af te komen.

Het duurt een uurtje om terug te komen bij het hotel waar we de bar opzoeken voor een lekker drankje. De prijzen zijn hoog en er komt zelfs nog 10% service tax ( fooi) en 13% btw bovenop. Iedereen besteld een drankje en Maya wil graag een ijskoffie. Na het bestellen zegt de ober iets tegen Maya in het Nepalees en als we vragen wat hij zei flippen we bijna. Hij zei tegen haar: kun je niet iets anders bestellen, want de ijskoffie moet ik helemaal ergens anders in het hotel gaan halen en dat is wel ver lopen. Maya is normaal de laagste klasse in Nepal en gehoorzaamt de eikel, hij zegt haar dat ze beter een sapje kan nemen. We leggen Maya uit dat ze net als wij een gast is van dit hotel en dat ze niets meer of minder is dan wij. Een ober is iemand die haar, net als ons, bedient en hij moet haar respecteren. Of ze nu Nepalees is of Nederlander: ze heeft dezelfde rechten. Zij ziet enorm op tegen de bediende in het luxe hotel, maar dit gaat te ver. Zeker omdat ze ook nog automatisch 10% fooi bij de rekening optellen.

Als we naar onze kamer willen gaan vragen we de rekening en zegt de ober zonder rekening de prijs die we moeten betalen. Nou daar trapt Susan dus niet in, ze vraagt hem tot 2 keer toe de rekening, want ze wil met eigen ogen zien hoe hij aan het bedrag komt. Als dan dus blijkt dat het sapje ook nog eens 2x zo duur is als de ijskoffie en totaal iets anders is dan Maya eigenlijk besteld heeft, en hij dus ook nog de 10% fooi erbij heeft gerekend, flipt Susan helemaal. Ik wil Alda en Jan niet vermoeien met dit voorval en ik kalmeer Susan een beetje. Morgen dienen we een klacht in, omdat we ten eerste nu veel meer af moeten rekenen en we zeker geen 10% verplichte fooi gaan betalen, maar met name vanwege de belediging voor Maya. Maya is net als ons een betalende gast, dus moet ook net als ons behandeld worden en niet minder.

Het kaste systeem deelt iedereen van de bevolking in een bepaalde klasse in en het is bijvoorbeeld ondenkbaar dat mensen uit 2 verschillende kasten met elkaar trouwen.

Maya gedraagt zich niet anders dan ons, en heeft na een beetje sturing door ons dezelfde manieren, waarom zou ze dan anders behandeld moeten worden? Van binnen kook je af en toe als je dit soort dingen meemaakt. Aangezien we eigenlijk veel liever in het Ambassador hotel hadden gebleven kijken we wel hoe ze dit op gaan lossen. Verplicht fooi betalen aan een eikel die haar zo behandeld gaat ons echt te ver. Als ze niets doen met de klacht verhuizen we morgen naar het andere en veel gezelligere hotel, waar dit nooit was gebeurd.

Na dit debacle gaan we om 19.00u al naar onze kamers, want Jan en Alda zijn ondertussen toch echt wel kapot, ze hebben meer dan 36 uur niet geslapen. Wij typen, op de laptop van Maya, nog even ons reisverslag zodat we straks in Pokhara dit meteen kunnen versturen. Waarna we gaan slapen.

Ons pap en ons mam hun eerste indrukken in Nepal en hoe hun vlucht is verlopen:

’s Morgens vertrekken we thuis om half 7 om aan onze eerste grote reis te beginnen. Wij zijn niet zo’n wereldreizigers en het vliegen is voor mij (Alda) de eerste keer. We rijden naar onze Jan die ook in Hapert woont. Hij brengt ons met onze auto naar Eindhoven, waar we de trein naar Schiphol nemen. Hij is nog student en vindt het fijn een hele maand een auto te kunnen gebruiken. Met de fiets en de bus is ook niet alles. We zijn mooi op tijd aan het station en na de kaartjes genomen te hebben, zet onze Jan ons met alle bagage (1 koffer, 1 grote rugzak en 2 handbagagekoffertjes) in de trein. Hij wilde ons wel naar Schiphol brengen, maar in de spits is het zo druk op de weg, dat het zo vlugger gaat. We kunnen zonder over te stappen naar Schiphol en zijn er dan ook zo.

We hebben nog ruim 3 uur voor het vliegtuig vertrekt, we gaan op ons gemak inchecken dan zijn we in ieder geval de grote bagagestukken kwijt. We hebben inmiddels de koffie wel verdiend, vinden wij, en gaan op zoek naar een lekker bakske. Als je al zo vroeg op pad bent smaakt het dubbel lekker. Heerlijk!!!!  Als het tijd is zoeken we de goeie gate op en passeren we de douane. Geen probleem, alleen was ik vergeten te vertellen dat we een laptop in de handbagage hebben. Ad had dit nog zo goed gezegd. Sorry Adje vergeten! Dus ik moest terug en de laptop eruit halen en opnieuw. Geen probleem, alles is nu O.K.. We gaan zonder verdere problemen aan boord van het toestel, niet zo groot, we vliegen eerst naar Londen. In ongeveer 3 kwartier landen we weer. Ik vind het vliegen fantastisch. Ik heb heel de vliegreis naar Kathmandu een plaatsje aan het raam, Jan ernaast, dus dat wordt genieten.

In Londen hebben we gelukkig maar een uurtje voor het volgende vliegtuig vertrekt, dat ons naar Doha brengt. We zitten weer vlug in de lucht en dit keer wordt het een lange zit, 7 uur, poeh,poeh. Op een gegeven moment weet je niet meer goed hoe je moet gaan zitten. Het is wel constant eten en drinken, aparte smaak (niet zo lekker als thuis) dus de tijd gaat wel redelijk snel voorbij. En we weten waar we het allemaal voor doen, eindelijk ons Susan en Ad weer in de armen sluiten! We hebben hun ook enorm gemist.  Na het landen in Doha hebben we ongeveer 5 uur voor we weer opstijgen. We hangen wat op het vliegveld rond, drinken en eten wat en proberen even de ogen dicht te doen. Maar dat valt niet mee in de druktes.

We zijn blij als we weer aan boord kunnen van het volgende vliegtuig, Kathmandu, here we come!!!! Inmiddels is het donker geworden, dus we zullen niet veel van het landschap zien. Misschien kunnen we even een dutje doen, maar we worden constant “gewekt” voor eten en drinken. Alleen als je vast slaapt laten ze je met rust. Af en toe kunnen we wat lichtjes van dorpjes beneden ons zien. Prachtig! We landen om ongeveer 10.30 uur, plaatselijke tijd. Hier is het ongeveer 5 uur later als in Nederland. We moeten nu nog een visum aanvragen voor Nepal. We vullen de nodige papieren in en een pasfoto erbij en nu maar hopen dat het niet te lang gaat duren. We zijn moe en willen ons Susan en Ad eindelijk wel eens omhelzen. De visa aanvragen was verder geen probleem, een lange rij, maar het ging redelijk vlug, en ze openden een tweede loket. Geweldig! Nu nog op zoek naar de koffers. Ze wezen ons de band van Qatar Airlines en wij dus wachten. De eerste koffer kwam redelijk snel, gelukkig. Nu nog wachten op de rugzak. We zagen steeds dezelfde koffers langskomen, dat was geen goed teken. We werden al ongerust. Jan is toen verderop gaan kijken of er nog ergens bagage lag. En ja hoor, ergens in een hoekje lag onze rugzak. Die had waarschijnlijk iemand er af gehaald en pas later gezien dat het niet de zijne/hare was en niet meer teruggelegd. Halve zool of zolin, ik weet niet of het vrouwelijke woord klopt! Zoiets doe je niet, vinden wij. Nog even door de douane en dan het weerzien!

Het was geweldig, het voelde fantastisch en het was erg emotioneel. Iedereen die ons Susan kent, zal dat begrijpen. Zij en wij waren er helemaal aan toe. Bijna 8 maanden is veel te lang. Wij hebben thuis nog zo veel wat ons afleidt, maar zij hebben meestal alleen elkaar. Maar toen kregen we Kathmandu, “een gekkenhuis”. Sorry voor dit woord, maar ik weet even geen beter. Als je dit niet met eigen ogen gezien hebt, kun je dit niet voorstellen. De straten zijn vol met bussen, auto’s, motors, fietsen en voetgangers. En als ik vol zeg, is het ook echt vol, niet zoals in Eindhoven. Dat is heilig bij dit. Iedereen toetert, claxoneert en schreeuwt. Je steekt hier over met gevaar voor eigen leven. Wij hebben ook nog problemen omdat ze hier ook nog links rijden.

Naar stoplichten kijken ze ook al niet, want op een gegeven moment hadden wij als voetgangers groen licht en dan nog steek je over en dan nog ben je levend wild voor de automobilisten. Zelfs op de stoep, als er die al is, ben je niet veilig, want als de weg vol is zoeven alle motoren, brommers en fietsers over het voetpad langs je af. Jan probeerde nog een klein beetje verkeersregels aan de mensen bij te brengen met gebaren, maar dat is hier te vergeefse moeite. Politie agenten staan er genoeg, maar staan erbij en kijken ernaar. Zo dit was een stukje van de wereldreizigers, de rest kunnen jullie op de site van Ad lezen. Ik wil alleen nog een klein ding rechtzetten: Er staat dat we geen Engels op school gehad hebben en dat hebben we wel op de Mulo, maar dat is inmiddels bijna 45 jaar geleden. Ik wil ook nog even mijn collega’s bedanken die al mijn diensten hebben overgenomen, dankjewel Gerry, Lia, Marij en Truus, zonder jullie was dit nooit gelukt.

Veel groetjes en liefs voor allen die ons kennen en dit lezen.


Donderdag 22 november 2007: Een heerlijk zonnetje, rond de 22 graden en na 17:00 uur wordt het koel.

Vanmorgen staan wij vroeg op, want we mogen weer naar de Indiase ambassade voor ons visum. Na de ontzettend lange wachtrij op maandag willen we dus vandaag op tijd bij de ambassade zijn, zodat het niet weer 15.00u is, voordat we terug zijn bij het hotel en al helemaal niet omdat mijn ouders er nu zijn. Samen met Maya, ons pap en mam kunnen lekker uitslapen, zitten we om 07.15u al aan het ontbijt. De ontbijtzaal is waarschijnlijk de voormalige balzaal geweest en is echt een juweeltje om te zien. Ook het ontbijt is heerlijk. Het is een buffet, dus je kan zoveel pakken als je zelf zin in hebt en je kan ook lekker kiezen uit wel 20 dingen. Ook het fruit is heerlijk.
 



Dan nemen we afscheid van Maya. Zij gaat terug naar de kamer en belt dan haar moeder op die haar op komt pikken van het hotel, want ze weet totaal niet waar zij woont, zo weinig ziet ze haar moeder. Wij zijn netjes om 08.00u bij de ambassade in de verwachting dat we wel een van de eersten zullen zijn, maar als we een nummertje gaan halen zijn we nummer 53, verdorie hebben we daar al die moeite voor gedaan. Nou ja, in elk geval hebben we een flink lager nummer dan afgelopen maandag toen we 128 hadden. Nu maar hopen dat het vandaag een beetje op wil schieten.

Nu we een nummer hebben en de poort pas om 09.30u open gaat, hebben we dus de tijd om bij het Ambassador hotel bij te boeken, aangezien onze ruit pas maandagavond zal arriveren. Binnen in het Ambassador hotel maakt Ad meteen van de gelegenheid gebruik om de mail binnen te halen met zijn telefoon, met behulp van het wireless internet dat ze hier in het hotel hebben. We blijven lekker hier in de lobby zitten tot 09.10u en wandelen dan op ons gemak naar de ambassade. Er staan alweer een hele berg mensen te wachten tot de ambassade haar deuren opent. De deuren openen al voordat het 09.30u is en na een half uur wordt ons nummer opgenoemd. We mogen in elk geval naar binnen, maar daar staat dan al weer een lange wachtrij, aangezien ze hier aan het loket extreem langzaam werken. Elke persoon kost tussen de 5 en 10 minuten, dus je kunt wel nagaan dat het net als maandag totaal niet opschoot.

En altijd heb je dan ook nog weer mensen die stiekem en zeer nonchalant voor willen dringen, maar daar trap ik niet in. Ik had dit keer een redelijk goed overzicht over de rij, dat was maandag wel even anders, want toen stonden wij veel te ver achteraan om het in de gaten te kunnen houden. We zagen een wel erg opvallend figuur die probeerde heel de rij voorbij te lopen en voor aan te sluiten. Het was een traditioneel joodse jongen met vlechtjes en een keppeltje op zijn hoofd. Als je zo opvallend gekleed bent, zou ik het niet eens proberen. Nadat ik hem even op dit voordringen had gewezen, ging hij toch naar het einde van de rij. Helaas probeerden het nog 2 jongens en de ene kon ik overtuigen dat hij achter aan moest sluiten, maar de andere was redelijk volhardend en glipte toch weer naar de voorkant van de rij. Toen was het zelfs voor Ad genoeg geweest en hij stapte even naar de jongen. Hij vertelde de jongen dat hij heel vlug moest maken dat hij naar het einde van de rij verhuisde anders zou hij zijn dagelijkse dalbat voortaan door een rietje moeten nuttigen. Ad was laaiend. Alles kwam goed en de rust keerde weer terug in de rij. Iedereen zat te klagen over de voordringers, maar niemand had het lef om in te grijpen. Na 8 maanden wereldreis zijn wij behoorlijk gehard in dit soort dingen. Ad is normaal heel relaxed en gaat bijna nooit over de rooie. Als hij zijn geduld verliest kan hij ontzettend taai worden en kan diegene die hem kwaad heeft gemaakt beter met een grote bocht om hem heen gaan. Gelukkig moet je erg ver gaan wil hij over de rooie gaan.

Als we dan eindelijk aan de beurt zijn moeten we ons aanvraag formulier inleveren en dan krijgen we te horen dat de telex, die ons verleden moest checken, nog niet is ontvangen vanuit Nederland. Lekker dus, wilden ze ons een dag later weer terug laten komen. Ineens zag de beambte dat we recent al een visa voor India hadden gehad. Gelukkig voor ons, want nu was het geen probleem. We moeten naar het volgende loket en daar mogen we 70 euro betalen en krijgen dan te horen dat we om half 5 weer terug moeten komen voor het ophalen van de visa. Als we terug komen in het Shanker hotel zitten ons pap en mam al weer heerlijk te genieten van het zonnetje. Het is een graad of 23 in de zon en dat is beter als momenteel thuis in Nederland.
 



We zitten een uurtje of wat gezellig te praten als Maya aan komt lopen. Haar echte moeder woont hier in Kathmandu en Maya heeft haar opgezocht en op ons verzoek meegenomen naar het hotel. Maya heeft weinig contact met haar moeder omdat de reis van en naar Kathmandu onbetaalbaar is voor haar.
 



De moeder woont hier in een een-kamer appartementje. In een kamer van 5x5 meter leeft ze daar met haar nieuwe man en 3 dochters. Het kamertje heeft een keuken en dat is het. De wc is openbaar en moet worden gedeeld met de hele flat. Maya laat trots de kamer en binnenkant van het luxe hotel zien, en iedereen is diep onder de indruk. Als ze buiten komen regelen we wat extra stoelen en zijn we ineens met 7 personen. De moeder van Maya heeft haar jongere zusje meegenomen, omdat die een paar woorden Engels spreekt. Maya en de moeder zijn zo te zien blij elkaar te zien. Ze zitten hand in hand te praten en wij zijn blij dat wij Maya meegenomen hebben zodat ze haar moeder weer eens in haar armen kan sluiten. Ik (Ad) loop even naar de bar om een grote pot thee te halen en schrik me kapot van de prijs. Normaal betaal je per kop thee ongeveer 30 eurocent, maar in dit luxe hotel moet ik meer dan 10 euro afrekenen voor 7 kopjes!!. Na dit theekransje loopt Maya nog even mee naar de doorgaande weg en daar neemt ze afscheid van haar moeder en tante (die even oud is als Maya).

Iedereen gaat zich opfrissen in hun kamer en als we met zijn allen naar beneden lopen, en de sleutels bij de receptie inleveren, besluiten we toch nog maar even een klacht in te dienen voor het lullige gedrag van de ober gisteren, tegenover Maya. We worden netjes te woord gestaan en ook de mensen achter de receptie vinden het gedrag van de ober niet gepast in dit luxe hotel. Meteen wordt de manager gebeld en het verhaal voorgelegd. We hebben de manager duidelijk gemaakt dat het ons niet om het geld ging, maar dat we vinden dat een Nepalees, die gast in het hotel is en trouwens al zou ze dat niet zijn en alleen maar in de bar iets drinkt, niet anders behandeld mag worden dan een buitenlandse toerist.

Hierna lopen we met zijn allen naar de Indiase ambassade om onze paspoorten, met hopelijk een nieuw visa, op te halen. Susan en ik lopen om half 5 naar binnen en het is weer een drukte van jewelste. De loketten blijven dicht omdat de ambtenaren nog niet klaar waren. Iedereen staat netjes in een lange rij te wachten als ruim na 17.00u het loket pas opengaat. Dan begint een van de ambtenaren namen om te roepen en omdat ze natuurlijk geen geluidsinstallatie hebben stormen alle wachtenden naar het loket. Het maakte dus geen klap uit waar je in de rij stond, of hoe lang je al aan het wachten was, het is gewoon een loterij waneer je het paspoort terug gaat krijgen. Het duurt zeker een uur voor we onze namen horen en als we ons visum controleren zien we dat we tot eind mei in India kunnen blijven. Als we buiten komen zitten Maya, Jan en Alda geduldig te wachten in het kleine eettentje en eindelijk kunnen we naar het Japanse Restaurant lopen om heerlijk te eten.
 



Het eten vond iedereen heerlijk en met een volle buik lopen we in ruim een kwartiertje naar de bowlingbaan, waar we met zijn 5en een paar uur wat ballen over de baan gooien. Voor, bij de poort, en binnen op de binnenplaats van het dure restaurant met de mooie tuin, waar we een paar dagen geleden met Maya ook waren geweest, stond het nu vol met zwaar bewapende politiemannen. Waarvoor zouden die nu weer zijn? Maar daar komen we na het bowlen wel achter.
 



De eerste ronde wint Jan en sta ik ergens onderaan, de tweede ronde keren mijn kansen en win ik. We hebben een leuke avond gehad en als we bij de bowlingbaan naar buiten lopen, lopen we nog eventjes bij het restaurant naar binnen om de ontzettend mooi verlichte tuin te bewonderen en de menukaart te bekijken, misschien dat we een dezer dagen hier ook een hapje kunnen eten. De bewaking is nu weg, dus we kunnen ook gewoon doorlopen en we zien een mooi groot bord staan met de tekst “Welcome J. carter” en het blijkt dat een paar uur geleden Jimmy Carter, een ex president van Amerika, hier heeft gegeten. We vonden het ook al zo vreemd dat, toen we de bowlingbaan parkeerplaats opliepen, er tientallen politieagenten en militairen voor de deur en op de parkeerplaats stonden.
 



Rond 22:00 uur zijn we terug in het hotel en vallen we al snel in slaap.


Vrijdag 23 November 2007: 23 graden overdag en 14 graden in de avond.

Om half 9 lopen we met ons groepje naar de ontbijtzaal waar we genieten van een uitgebreid ontbijt. De keuze is behoorlijk groot en alles smaakt perfect. Overal staan de obers die ons vriendelijk groeten, en hun benen onder hun kont uit lopen om het iedereen naar de zin te maken.
 



Maya loopt nog even naar en kok die op verzoek een omeletje in elkaar sleutelt en omdat ik het enorme bord heb gezien wat ze al opgeschept heeft, sta ik er versteld van dat ze dit nog weg krijgt. Netjes eet iedereen zijn bordje leeg en om half tien lopen we de ontbijt zaal uit. We passeren een ander restaurant en het zag er zo mooi uit dat we even een blik moesten werpen binnen. Overal zien we schilderingen op het plafond die verhalen uitbeelden. De ober komt nog wat uitleg geven en vol met mooie indrukken lopen we naar de lift om onze kamers op te zoeken. We poetsen onze tanden en gaan nog vlug even naar de wc en lopen dan naar de taxistandplaats om een rit te regelen naar Latiphur ofwel Patan. In Patan gaan we het Durbar square bekijken. De taxi’s zijn hier het formaat van een Suzuki Alto en we vragen ons af of we hier wel in passen met ons vijven. Natuurlijk zegt de taxi chauffeur en we persen ons in het kleine koekblikje. Maya zit bij mij op schoot en het eerste kwartier gaat dat zonder problemen. Na dit kwartiertje begint mijn been te slapen en als we uitstappen na een half uur kost het even tijd om weer gevoel in mijn kont en been te krijgen.
 



We lopen Durbar Square op en tijdens het maken van diverse foto’s worden we aangesproken door een agent die ons naar de entree kaartjes vraagt?? De vorige keer was het nog gratis, maar nu moeten we ineens entree betalen. Susan gelooft er niks van en denkt dat het weer een truck is om op een oneerlijke manier toeristen geld afhandig te maken, maar even later blijkt er toch echt een ticket hokje te staan en moeten we de portemonnee trekken. Overal waar toeristen zijn worden ze uitgemolken. Het was maar 2,50 euro per persoon en als ze die ook echt gebruiken om alles netjes schoon te houden vinden wij het best.

In de eerste tempel worden we aangesproken door een jongen die vertelt een gids te zijn en die wil ons graag van dienst zijn. We vertellen hem dat we al een keer geweest zijn en alles alleen wel weten te vinden. Het wordt daarna een gezellig gesprek en de jongen vertelt ons toch een hele hoop interessante dingen over de tempel en hij wil ook alles weten over onze reis. We nemen afscheid en lopen de tempel uit. Ik vond de dingen die hij vertelde dermate interessant dat ik samen met Maya even terugliep naar hem om te vragen wat zijn tour mocht kosten. Het was 6 euro en ik besloot hem maar in te huren. Hiervan zouden we zeker geen spijt krijgen, want hij liet ons vele mooie tempels en plekjes zien die we anders nooit gevonden zouden hebben. Zijn Engels was perfect en het was een genot om naar hem te luisteren.
 



In de tempel zagen we nog een leuke oude man waar we nog even een foto van namen.

De eerste keer dat we hier waren hebben we alleen de buitenklanten van de grote tempels gezien en nu weten we bijna alles over hindoeïsme en boeddhisme. Maya vulde soms nog wat dingen aan over het boeddhisme en iedereen heeft genoten.
 



Half weg de toer kwamen we in een winkeltje waar ze klankschalen verkochten. De eigenaar vroeg of we meer informatie wilde en gaf Jan een uitgebreide presentatie. Jan kreeg een schaal, wat leek op een helm op zijn kop en na het meppen tegen de schaal met een hamertje zoemden de klanken door Jan zijn hoofd.

Rond 14:30 uur zochten we nog een leuk restaurantje op, boven op het dak van een gebouw waar we een mooi uitzicht hadden op Durbur Square, om samen met de gids nog wat te drinken en te eten en daarna namen we afscheid.
 



Dan is het tijd om met de taxi terug te gaan naar het hotel voor een sanitaire stop en om aan onze voettocht te beginnen die ons naar de moeder van Maya zou brengen. We hadden daar om 16:00 uur afgesproken maar door de drukte liepen we pas om half 5 haar appartementje in. We werden hartelijk begroet in haar appartementje en alhoewel het maar een klein kamertje was, zag er alles netjes uit. De moeder woonde met haar man en 3 dochters in een kamer waar achter een gordijn een klein keukentje was. We dronken thee en hierna stond ze erop dat we bleven eten. Ze had speciaal voor ons soep gemaakt en we konden deze met goed fatsoen niet weigeren. Het smaakte heerlijk en ze bleef de soepkommen maar bijvullen.
 



Maya met haar 3 halfzusjes.

Daarna kwam er nog een grote schaal vers fruit op tafel en ondanks het feit dat we vanavond naar de Japanner wilden gaan hebben we toch maar het een en ander genomen. Alda had de eerste keer melk in haar thee en toen de moeder bijschonk stond ze erop dat ze de melk eerst weer op moest warmen. Alda heeft, al sinds ze een kind was, een grote hekel aan melk met een vel erop en natuurlijk zat er na het opwarmen van de melk genoeg vel in de melk om een hele theekop te plastificeren. Voor ze iets kon zeggen schudde de moeder de melk in haar thee en dreef er een dikke laag vel op haar o zo lekkere thee. Ja, en wat doe je dan?? Gewoon verstand op nul, blik op oneindig en door drinken. Na de thee namen we afscheid en nodigden we de moeder uit om morgen naar een Nepalees restaurant te gaan voor een diner met show. We spraken af dat we haar met de taxi rond 18.00u op zouden halen.

Buiten was het al aarde donker en gelukkig had ik een zaklamp bij om de weg terug te vinden naar de openbare weg. We liepen een uurtje naar de Japanner en heel de weg had, vooral Susan, zich liggen verheugen op de heerlijk vis Teriyaki. Toen we die wilden bestellen kregen we te horen dat ze helaas vandaag geen vis hadden. We baalden als een stekker en besloten alleen een drankje te nemen en daarna naar een ander Japans restaurant te gaan. Tijdens het nuttigen van ons drankje voelden we ons schuldig dat we eerst wilden bestellen en daarna toch maar besloten om naar de buren te gaan. Toen we toch weer naar de menu kaart vroegen en wat anders wilden bestellen, vertelde de ober dat ze vis hadden gehaald!!! Waarom dit niet even melden dan hadden we al veel eerder kunnen bestellen. Voor het zelfde geld waren we de deur al uitgelopen en hadden ze met de vis opgescheept gezeten. Het eten was weer heerlijk en na de maaltijd was het nog een goed half uurtje lopen voor we in ons hotelletje ons bedje in kropen.









Copyright © door Een reis rond de wereld Alle Rechten Voorbehouden.

Gepubliceerd op: 2007-12-04 (2582 maal gelezen)

[ Ga terug ]
Content ©
Volg onze reis online, 5 jaar met de DAF de wereld door


PHP-Nuke Copyright © 2005 by Francisco Burzi. This is free software, and you may redistribute it under the GPL. PHP-Nuke comes with absolutely no warranty, for details, see the license.
Pagina Rendering: 0.06 Seconden